Klikzink
Een carport of luifel is geen gewone dakopbouw. Er is geen gesloten volume, vaak geen verwarmde ruimte, en de constructie staat soms los van de woning. Dat maakt de vraag of u voor deze constructie een renovatiepremie kunt krijgen minder vanzelfsprekend dan bij een dak op een bestaande woning. Wie een carport laat overkappen met een felsdak, doet er goed aan die vraag vooraf uit te klaren, want de gewestelijke diensten kijken naar wat er precies gebouwd wordt, en niet naar het materiaal dat erop komt.
De renovatiepremies die in Vlaanderen, Wallonië en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest bestaan, zijn in de kern bedoeld om de energieprestatie van een woning te verbeteren of om een verouderde woning weer bewoonbaar te maken. Een dak isoleren telt daarbinnen mee omdat het rechtstreeks bijdraagt aan het energieverbruik van het gebouw. Een carport heeft dat verband meestal niet. Er zit doorgaans geen isolatie onder, er is geen stookzone die eronder ligt, en de constructie draagt niet bij aan de EPB-eisen van de woning zelf. Daardoor valt een carport in de meeste gevallen buiten de premies die specifiek voor dakisolatie of dakrenovatie bestaan, ook al lijkt het werk sterk op wat er bij een gewoon dak gebeurt: felsplaten leggen, sneden maken rond doorvoeren, en de plaat blind bevestigen op de ondergrond.
Dat is een ander uitgangspunt dan bij pagina's die wij elders op deze site behandelen, bijvoorbeeld over hoe de procedure van de renovatiepremie in het algemeen loopt. Bij een carport of luifel is de eerste vraag niet welke documenten u nodig heeft of in welke volgorde u moet aanvragen, maar of de premie hier überhaupt van toepassing kan zijn. Dat verschilt per gewest en soms per dienst, en het hangt af van hoe de constructie precies is opgevat.
Er zijn situaties waarin een overkapping wel binnen het bereik van een premie valt. Als de luifel bijvoorbeeld een uitbreiding is van het dak van de woning zelf, direct aansluit op de bestaande dakconstructie, en er isolatie onder komt die de thermische schil van de woning vergroot, dan kan de gewestelijke dienst dat anders beoordelen dan een losstaande carport in de tuin of naast de oprit. Het verschil zit in de vraag of de constructie deel wordt van het verwarmde volume van de woning, of dat ze daarbuiten blijft staan.
In de praktijk betekent dit dat een aanvraag voor een luifel die tegen de woning aan gebouwd wordt, vaker kans maakt dan een vrijstaande carport op enkele meters van het huis. Een aannemer die dit soort werk vaker doet, zal daarom vooraf nagaan hoe de constructie precies bij de gewestelijke dienst wordt geregistreerd: als bijgebouw, als uitbreiding van de woning, of als volledig losstaande constructie. Die indeling bepaalt niet alleen de premie, maar ook welke vergunning nodig is, zoals wij uitleggen bij [de vergunning voor een veranda of aanbouw met felsdak](/belgie/stedenbouwkundige-vergunning/veranda). Een carport of luifel die tegen de gevel aan komt, wordt door sommige gemeenten op een gelijkaardige manier beoordeeld als een aanbouw, terwijl een vrijstaand exemplaar eerder als bijgebouw geldt.
Waar de premievraag bij een carport minder vanzelfsprekend is, is de technische vraag juist scherper. Een carport of luifel heeft geen gesloten gevels die de wind afremmen. De wind grijpt onder de plaat, van alle kanten, en dat vraagt om een andere kijk op de bevestiging dan bij een dak dat rondom ingesloten ligt tussen muren. Bij de felsplaten die wij leveren, met een fels van 35 mm en een werkende breedte van 475 mm, wordt de plaat blind bevestigd met klemmen op de ondergrond. Die klemmen moeten bij een open constructie op een dichtere afstand geplaatst worden, of er moet een stevigere onderconstructie onder liggen, om de opwaartse zuiging van de wind op te vangen die bij een carport veel directer aangrijpt dan bij een dak boven een gesloten woning.
Dit is een detail dat de aannemer met u moet doornemen voordat de plaat besteld wordt, want de dakhelling, de lengte van de sporen en de hoogte van de constructie spelen allemaal een rol in hoeveel wind er onder de plaat kan komen. Onze platen zijn tot 8000 mm op maat leverbaar, wat bij een carport vaak precies uitkomt: één lange plaat zonder overlap in de lengte, van nok tot dakrand, wat het aantal kwetsbare naden vermindert. Bij een dakhelling vanaf zes graden is het systeem toepasbaar, maar bij een carport met een lage helling en veel windvang raden we aan om samen met de leverancier te kijken naar een extra dichte klembezetting.
Omdat een carport of luifel vaak een nieuwe constructie is en niet de renovatie van een bestaand dak, komt de vergunningsvraag hier sterker naar voren dan bij een dakrenovatie op een bestaande woning. Een carport tot een bepaald oppervlak en op een bepaalde afstand van de perceelsgrens kan in Vlaanderen soms vrijgesteld zijn van een omgevingsvergunning, terwijl diezelfde constructie in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest of in Wallonië wel een vergunning of melding vergt. Dat verschil in aanpak per gewest hangt samen met de manier waarop het Vlaams Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO), het Waalse Code du Développement Territorial (CoDT, letterlijk: wetboek van de ruimtelijke ontwikkeling) en het Brussels Wetboek van Ruimtelijke Ordening (BWRO) elk vrijstellingen voor bijgebouwen regelen.
De reden dat wij dit hier apart noemen, is dat de vergunningsvraag bij een carport vaak vooraf al beslist wat er met de renovatiepremie kan gebeuren. Een constructie die vergunningsvrij is, wordt bij sommige gewestelijke diensten sneller als bijgebouw gezien, en dus buiten de premie voor de woning geplaatst. Een constructie waarvoor wel een vergunning nodig is, komt daarmee in het dossier van de woning terecht, en kan onder omstandigheden dichter bij de renovatiepremie liggen als ze aansluit op de bestaande gevel. Dat is precies waarom de volgorde van aanvragen en bouwen hier meer gewicht krijgt dan bij een gewoon dak: wie eerst bouwt en pas daarna een premie aanvraagt, loopt het risico dat de dienst de carport al als afgerond bijgebouw beschouwt, los van de woning, en dat de aanvraag om die reden wordt afgewezen.
Het is daarom verstandig om, voordat de eerste paal de grond in gaat, bij de gemeente of bij de gewestelijke dienst voor premies te vragen hoe deze specifieke carport of luifel beoordeeld zal worden: als bijgebouw, als uitbreiding van de woning, of als losstaande constructie zonder verband met de energieprestatie van het huis. Dat bepaalt of een renovatiepremie mogelijk is, en het bepaalt ook of er een vergunning of melding nodig is voordat de werken beginnen.
Daarnaast loont het om bij de aannemer specifiek te vragen naar de bevestiging van de felsplaten op een open constructie, en niet te vertrekken van de standaardafstanden die voor een gesloten dak gelden. Wie deze twee punten vooraf regelt, weet bij de start van de werf waar hij aan toe is, en voorkomt dat de premie of de vergunning achteraf voor verrassingen zorgt op een moment dat de constructie al staat.