Klikzink

EPB bij de verbouwing van een hoeve

Een hoeve die haar agrarische functie verliest en een woonbestemming krijgt, is voor de EPB-regelgeving een ander verhaal dan een gewone dakrenovatie. Niet omdat het dak zelf anders is, maar omdat de bestemmingswijziging bepaalt welke eisen van toepassing zijn en vanaf welk moment. Wie dat niet vooraf uitzoekt, ontdekt het vaak pas op de werf, als de felsplaten al besteld zijn en de EPB-verslaggever andere isolatiewaarden blijkt te verwachten dan waarmee gerekend was.

De kern is dit: zolang een hoeve een landbouwbedrijfsgebouw is, valt ze niet onder de EPB-eisen voor woningen. Vanaf het moment dat de omgevingsvergunning een woonfunctie toekent aan het gebouw of aan een deel ervan, telt het mee als renovatie of nieuwbouw naargelang de omvang van de werken, en gelden de bijhorende isolatie- en installatie-eisen. Die overgang van landbouwgebruik naar wonen is precies waar dit dossier anders is dan een gewone verbouwing: de vergunningsaanvraag en het EPB-dossier moeten op elkaar aansluiten, en dat gebeurt niet automatisch.

De bestemmingswijziging als vertrekpunt

Een hoeve ombouwen tot woning vraagt in de meeste gevallen een omgevingsvergunning waarin zowel de stedenbouwkundige handelingen als de functiewijziging staan. In het Vlaams Gewest loopt dat via het Vlaams Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO), in het Waalse Gewest via het Code du Développement Territorial (CoDT, het wetboek voor ruimtelijke ontwikkeling), en in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest via het Brussels Wetboek van Ruimtelijke Ordening (BWRO) al komt een hoeveverbouwing daar zelden voor. In elk van de drie gewesten beoordeelt de bevoegde overheid de functiewijziging op zichzelf, los van de EPB-verslaggeving, maar het is die vergunning die vastlegt of het gebouw voortaan als woning geldt. Pas dan wordt de EPB-regelgeving van toepassing, en pas dan telt de dakrenovatie mee in de berekening van de energieprestatie.

Dat heeft een praktisch gevolg: als u het dak van de hoeve al vervangt vóór de vergunning voor de bestemmingswijziging binnen is, gebeurt dat werk buiten het EPB-kader. Isoleert u dan onder de eisen die op dat moment gelden, dan kan het zijn dat u achteraf, bij de definitieve indeling als woning, tegen strengere eisen aanloopt en het dak alsnog moet aanpassen. Andersom, als de vergunning er al is en de werken pas daarna starten, valt de dakisolatie meteen onder de volledige EPB-verplichting, met de bijhorende U-waarde-eisen en de melding aan de verslaggever. De volgorde van vergunning en werf is dus geen formaliteit, maar bepaalt welke isolatiedikte en welk verslag u nodig heeft.

Wat de EPB-verslaggever van het dak wil zien

Bij een dakopbouw op een hoeve kijkt de verslaggever naar dezelfde elementen als bij elke andere renovatie: de isolatiedikte, de plaats van het isolatiepakket ten opzichte van de draagconstructie, de luchtdichting en de aansluitingen op ramen, schoorstenen en muren. Het verschil bij een hoeve is de bestaande structuur. Een hoevedak heeft vaak een houten kapconstructie zonder onderdak, met sporen die niet regelmatig zijn en een nokhoogte die van gebouw tot gebouw verschilt. Dat maakt het inpassen van een isolatiepakket dat aan de EPB-eis voldoet, technisch een grotere opgave dan bij een recentere woning.

De verslaggever wil het bewijs van de isolatiewaarde op het moment dat het pakket nog zichtbaar is, dus vóór de felsplaten erop liggen. Op de werf betekent dat: foto's van het isolatiemateriaal, de dikte en het type, genomen tussen de sporen of op de volle houten ondergrond, en het attest van de fabrikant of leverancier dat de warmteweerstand bevestigt. Wordt dat bewijs niet vastgelegd, dan moet het dak in het slechtste geval terug open om de isolatie te tonen. Bij een hoeve met een complexe kapconstructie is dat een grotere ingreep dan bij een eenvoudig zadeldak, en daarom loont het om met de aannemer een vast moment af te spreken waarop de verslaggever of een gemachtigde langskomt, vóór de dakbedekking wordt gelegd.

Onze felsplaten zelf veranderen niets aan die EPB-eis: zij vormen de buitenste laag en hebben geen isolerende functie. De eis wordt gehaald met het isolatiepakket daaronder, dat bij een hoeve vaak tussen de bestaande sporen wordt aangebracht of, als de sporen te ondiep zijn, aangevuld met een tweede laag boven op de sporen. Hoe die opbouw precies verloopt in verhouding tot de felsplaten, leggen wij uit bij [de EPB-regelgeving bij een felsdak in België](/belgie/epb), en de aansluiting tussen bestaand metselwerk en de nieuwe dakrand komt aan bod bij [de aansluiting op de nok](/belgie/epb/dakrenovatie).

Het dak in bestaande toestand als uitgangspunt

Bij nieuwbouw ligt de EPB-eis vast op het niveau van het volledige gebouw, berekend vanaf een lege tekentafel. Bij een hoeve die verbouwt, wordt het bestaande dak het uitgangspunt van de berekening. De verslaggever registreert de huidige toestand: de bestaande dakstructuur, de afwezigheid van isolatie in de meeste gevallen, en de staat van de dakbedekking. Vanaf daar wordt berekend wat de renovatie moet opleveren om aan de eis voor de nieuwe woonfunctie te voldoen.

Dat maakt de rekenoefening anders dan bij een gewone dakrenovatie op een bestaande woning, waar het gebouw al een EPB-dossier heeft en de renovatie een aanpassing is op een bekend uitgangspunt. Bij een hoeve start dat dossier nu pas, met een gebouw dat voorheen nooit voor EPB beoordeeld werd. De verslaggever moet dus meer opmeten en documenteren dan bij een woning die al in het EPB-register staat, en dat werk gebeurt bij voorkeur vóór de sloop- en afbraakwerken aan het dak beginnen, zodat de bestaande toestand nog volledig zichtbaar is.

De premies die het Vlaams, het Waalse en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voorzien voor dakisolatie bij een verbouwing, lopen via de eigen instanties van elk gewest en met eigen voorwaarden. Voor een hoeve met een bestemmingswijziging is het gebruikelijk dat de premie-aanvraag apart loopt van de vergunningsaanvraag, en dat de voorwaarden verschillen naargelang het gebouw als woning dan wel als landbouwgebouw met woonfunctie wordt ingedeeld. De actuele voorwaarden en bedragen vindt u bij de energie- of klimaatinstantie van het gewest waar de hoeve ligt; die informatie wijzigt te vaak om hier vast te leggen.

Wat dit voor uw werf betekent

Wie een hoeve verbouwt, doet er goed aan de EPB-verslaggever te betrekken zodra de omgevingsvergunning voor de bestemmingswijziging is aangevraagd, en niet pas wanneer de werken al starten. Op die manier ligt vast welke isolatie-eis geldt voordat de aannemer het dak opent, en kan de opname van de bestaande toestand gebeuren op het moment dat die nog het best zichtbaar is. Vraag de aannemer om het isolatiepakket te documenteren vóór de felsplaten worden gelegd, en bewaar die documenten samen met de vergunning en het EPB-verslag: bij een hoeve met een gemengde voorgeschiedenis van landbouw- en woonfunctie is dat dossier later, bijvoorbeeld bij verkoop, het bewijs dat het dak aan de geldende eisen voldoet.

KKlikzink
Pagina'sHomeKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlog
Contact
Adres
© Klikzink