Klikzink

Werfmelding en aanwezigheidsregistratie bij gevelbekleding

Een gevel bekleden met felsplaten is bouwtechnisch verwant aan een dak beleggen met dezelfde platen, maar administratief is het een ander verhaal. Waar een dak zich meestal ver van de straat bevindt en zelden aan de rooilijn raakt, staat een gevel per definitie op of vlak bij die rooilijn. Dat ene verschil, verticaal in plaats van horizontaal, bepaalt in de praktijk of uw werf onder de gewone werfmelding valt, of onder een zwaarder regime waarbij de gemeente en soms de politie meekijken naar het straatbeeld.

De werfmelding zelf is een federale aangelegenheid en werkt voor een gevel niet anders dan voor een dak: vanaf een bepaald aannemingsbedrag moet de opdrachtgever de werken aanmelden bij de sociale inspectie, en moet elke aanwezige op de werf geregistreerd staan in de aanwezigheidsregistratie. Wij lichten die kern al toe op de pagina over [wat de werfmelding en de aanwezigheidsregistratie in Vlaanderen inhouden](/belgie/werfmelding/vlaanderen), en het bedrag waarboven de meldingsplicht ingaat, zoekt u op bij [waar het actuele bedrag van de werfmelding staat](/belgie/werfmelding/actueel-bedrag). Voor een gevelbekleding met felsplaten gelden diezelfde drempels; het aannemingsbedrag van de gevelwerken telt, niet de oppervlakte en niet het aantal platen dat wordt geplaatst.

Wat bij gevelwerken wél vaker meespeelt, is de openbare weg. Een dakwerker werkt doorgaans op het perceel zelf, met een ladder of steiger die niet buiten de erfgrens komt. Bij een gevel staat de steiger vaak deels op het voetpad of raakt hij de rooilijn, en dat is een ander dossier dan de werfmelding: de inname van het openbaar domein. De gemeente kent daarvoor een eigen vergunning toe, los van de omgevingsvergunning en los van de sociale werfmelding. Wie dat vergeet, krijgt niet noodzakelijk een probleem met de sociale inspectie, maar wel met de gemeentelijke politie, en dat kan de werf tijdelijk stilleggen terwijl de sociale werfmelding en de aanwezigheidsregistratie op zichzelf perfect in orde waren.

De aanwezigheidsregistratie op een gevelwerf kent daarnaast een praktisch verschil met een dakwerf: de rotatie van personen. Bij het beleggen van een dak werkt vaak een vaste ploeg van twee tot vier man gedurende de hele opdracht. Bij een gevel wisselen de werkzaamheden vaker van vak, en schakelen aannemers regelmatig een tweede of derde onderaannemer in voor een deel van de gevel: isolatie, regelwerk, en pas daarna de felsplaten zelf. Elke onderaannemer moet zich apart aanmelden en elke werknemer moet apart geregistreerd staan voordat hij de werf betreedt, ook als hij maar een halve dag komt de aansluiting bij een raamdorpel afwerken. Bij een doorlopende dakwerf valt die wisseling minder op; bij een gevel met meerdere vakken en meerdere ploegen is het net de plek waar aannemers de registratie laten versloffen, omdat de tweede onderaannemer 'toch maar even' langskomt.

Ook de zichtbaarheid vanaf de straat speelt een rol die bij een dak nauwelijks meespeelt. Een dakwerf is van op straat vaak niet of nauwelijks te zien; een gevelwerf met steiger, netten en materiaal op het voetpad is dat wel. Sommige gemeenten koppelen daarom aan de vergunning voor de inname van het openbaar domein de voorwaarde dat het aanmeldingsbewijs van de werfmelding zichtbaar aan de steiger hangt, samen met de identificatiegegevens van de hoofdaannemer. Dat staat los van de wettelijke verplichting, die de aangifte bij de sociale inspectie regelt en niet de zichtbaarheid op de werf, maar het is wel iets waar een aannemer bij een gevelwerf vaker naar gevraagd wordt dan bij een dak, precies omdat voorbijgangers de werf zien en de gemeente daar rekening mee houdt.

De drie gewesten verschillen hier niet wezenlijk van elkaar: de werfmelding en de aanwezigheidsregistratie zijn een federale regeling en gelden op dezelfde manier in het Vlaams, het Waals en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Wat wel per gewest en per gemeente verschilt, is de vergunning voor de inname van het openbaar domein bij een steiger tegen de gevel, en soms ook de vraag of voor de gevelbekleding zelf een omgevingsvergunning nodig is. Die laatste vraag behandelen wij afzonderlijk bij [of u een vergunning nodig hebt om uw gevel te bekleden met felsplaten](/belgie/stedenbouwkundige-vergunning/gevelbekleding), en zij staat los van de sociale werfmelding: een gevel kan vergunningsplichtig zijn zonder dat de werfmelding geldt, en omgekeerd kan de werfmelding gelden voor een gevelwerk dat vergunningsvrij is omdat het enkel de bekleding vervangt zonder de draagstructuur te wijzigen.

Voor de opdrachtgever, doorgaans de eigenaar van de woning of het bedrijfsgebouw, blijft de verantwoordelijkheid dezelfde als bij elk ander bouwwerk: nagaan of het aannemingsbedrag van de gevelwerken de drempel overschrijdt, en zo ja, de aangifte laten doen voordat de werken beginnen. In de praktijk doet de hoofdaannemer die aangifte namens de opdrachtgever, maar de opdrachtgever blijft aanspreekbaar als de aangifte ontbreekt. Bij een gevelbekleding met felsplaten waarbij meerdere onderaannemers na elkaar of naast elkaar werken, isolatieplaatser, regelwerkmonteur, felsplaatlegger, loont het de moeite om bij de hoofdaannemer expliciet te vragen wie welke aanmelding doet, en om zelf een kopie van elke aanmelding te bewaren bij het dossier van de werf. Dat dossier is ook nuttig na afloop, samen met de plannen en de plaatsingsfoto's, mocht een gebrek aan de bekleding zich later voordoen binnen de termijn van de tienjarige aansprakelijkheid.

Wie een gevel laat bekleden met stalen felsplaten, doet er dus goed aan drie zaken uit elkaar te houden: de sociale werfmelding met de aanwezigheidsregistratie, die overal in België op dezelfde manier werkt en afhangt van het aannemingsbedrag; de gemeentelijke vergunning voor de inname van het voetpad of de rijweg als de steiger de rooilijn raakt; en de eventuele omgevingsvergunning voor de gevelbekleding zelf, die per gewest en per gemeente kan verschillen. Vraag bij de aannemer na welke aanmeldingen al gebeurd zijn voordat de steiger staat, controleer of elke onderaannemer apart geregistreerd is voordat zijn mensen de werf betreden, en regel de inname van het openbaar domein bij de gemeente ruim op voorhand, zodat de werf niet stilvalt op het moment dat de platen klaarliggen om gehangen te worden.

KKlikzink
Pagina'sHomeKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlog
Contact
Adres
© Klikzink