Klikzink

Werfmelding en registratie bij een felsdak

Wie een felsdak in stalen felsbanen laat leggen, huurt daarvoor doorgaans een dakdekker of een aannemer die met een team op de werf komt. Vanaf dat moment gelden in België twee verplichtingen die niets met de vergunning te maken hebben, maar met de sociale wetgeving rond aanwezigheid op de werf: de melding van de werf bij de sociale zekerheid, en de dagelijkse registratie van wie er aanwezig is. Voor een felsdak op een woning, een loods of een agrarisch gebouw geldt hetzelfde kader als voor elke andere bouwplaats, maar de manier waarop het in de praktijk speelt hangt sterk af van hoe het dak wordt uitgevoerd: door één ploeg in enkele dagen, of als onderdeel van een grotere renovatie met meerdere onderaannemers na elkaar.

De kern is Checkinatwork, het systeem waarmee elke aannemer die op een werf komt zich moet aanmelden voordat het werk begint. Dat geldt voor de hoofdaannemer, maar ook voor elke onderaannemer die hij inschakelt: de dakdekker die de felsbanen plaatst, de stellingbouwer, de firma die de dakisolatie legt. Elk van hen meldt zichzelf en zijn werknemers aan op de werf, met de juiste startdatum en het juiste adres. Dat is geen vergunningsprocedure en heeft geen fonctionnaire délégué of gemeentelijke dienst nodig; het loopt volledig via de federale sociale zekerheid, ongeacht in welk gewest de werf ligt.

Of de melding verplicht is, hangt af van het bedrag van de werken en van het aantal aannemers dat betrokken is. Bij een klein dak dat één zelfstandige dakdekker in een paar dagen zelf plaatst, zonder onderaannemers, kan de verplichting anders liggen dan bij een dak dat onderdeel is van een grotere werf met meerdere firma's na elkaar. Het drempelbedrag waarboven de aangifte van werken verplicht is, wordt periodiek aangepast; het actuele bedrag vindt u op de website van de RSZ of via uw sociaal secretariaat, en wij noemen het hier niet omdat het regelmatig wijzigt. Vraag bij twijfel gewoon aan uw aannemer of hij de melding heeft gedaan: als hoofdaannemer is hij daarvoor verantwoordelijk, niet u als bouwheer.

Wat een felsdak eigen maakt binnen dit kader

Bij een felsdak zit de bijzonderheid niet in de vergunning of het bedrag, maar in de manier waarop het werk verdeeld wordt over verschillende partijen op dezelfde werf. De platen worden op maat vanaf de fabriek in Ede geleverd, tot 8000 mm lang, en de klemmen en de bevestiging gebeuren blind door de dakdekker zelf. Dat betekent dat er op de dag van plaatsing meestal één gespecialiseerde ploeg aanwezig is, en dat die ploeg vaak pas komt nadat de ruwbouw, de dakconstructie en de onderdakfolie al klaar zijn door een andere aannemer. Elke ploeg die op een ander moment aan hetzelfde dak werkt, moet zich apart aanmelden voor de dagen dat ze er is. Bij een dakrenovatie waarbij eerst de oude dakbedekking verwijderd wordt door een sloopfirma, dan de isolatie gelegd wordt door een tweede firma en pas daarna de felsbanen geplaatst worden door een derde, zijn dat dus drie afzonderlijke aanmeldingen op dezelfde werf, elk met hun eigen begin- en einddatum.

Dat is anders dan bij een eenvoudig tuinhuis of een carport, waar meestal één aannemer het hele traject van funderen tot dak in één beweging aflegt, zoals wij toelichten bij [de werfmelding bij een tuinhuis of bijgebouw](/belgie/werfmelding/bijgebouw). Bij een felsdak op een bestaande woning of loods is de kans veel groter dat er meerdere gespecialiseerde ploegen na elkaar komen, en dat maakt de coördinatie van de meldingen een taak die niet bij één persoon blijft liggen. Als bouwheer of hoofdaannemer is het dan ook zinvol om vooraf een overzicht te maken van wie wanneer op de werf staat, zodat niemand vergeten wordt.

De dagelijkse aanwezigheidsregistratie via Checkinatwork

Naast de eenmalige melding van de werf loopt er een dagelijkse registratie: elke werknemer die op de werf komt, moet als aanwezig geregistreerd worden, meestal via een badge, een applicatie op de smartphone, of een terminal die de aannemer op de werf plaatst. Bij een felsdak dat in een paar dagen gelegd wordt door een vaste ploeg van twee of drie man is dat administratief eenvoudig: de dakdekker registreert zijn mensen bij aankomst en dat is het. Complexer wordt het wanneer er tijdens de plaatsing van het dak ook nog stellingbouwers, een kraanoperator voor het aanvoeren van de platen, of een veiligheidscoördinator langskomen. Elk van die aanwezigen moet apart geregistreerd staan, ook al is hun bezoek maar voor een halve dag.

De aanwezigheidsregistratie staat los van de vergunning en van de EPB-aangifte, en ze verandert niet naargelang het gewest: een felsdak in Antwerpen, in Charleroi of in Brussel valt onder exact hetzelfde federale systeem. Het enige regionale verschil zit in de vergunning zelf en in de premies, niet in de sociale aangifte. Dat onderscheid is belangrijk omdat bouwheren soms verwachten dat alles wat met de werf te maken heeft via het gewest of de gemeente loopt, terwijl Checkinatwork een federale, uniforme regeling is die precies hetzelfde werkt of het dak nu in het Vlaamse, het Waalse of het Brussels Hoofdstedelijk Gewest ligt.

De rol van de hoofdaannemer en wat u als bouwheer controleert

De verantwoordelijkheid voor de melding en de registratie ligt bij de aannemer, niet bij de particuliere bouwheer. Toch loont het om als opdrachtgever een aantal zaken zelf te controleren, zeker bij een dak dat door meerdere firma's samen wordt gerealiseerd. Vraag na of elke firma die op de werf komt geregistreerd staat in het aannemersregister en of ze zich tijdig heeft aangemeld. Bij een dakrenovatie met een hoofdaannemer die onderaannemers inschakelt voor de felsplaten, is het de hoofdaannemer die dat overzicht moet bewaken, maar niets houdt u tegen om er zelf naar te vragen, zeker als u met meerdere kleine firma's werkt die u apart hebt aangesproken in plaats van via één hoofdaannemer.

Dit speelt ook mee bij de tienjarige aansprakelijkheid en bij het postinterventiedossier dat na de werken wordt opgesteld: een werf waarvan de meldingen en registraties op orde zijn, laat achteraf een duidelijk spoor na van wie wat heeft uitgevoerd en wanneer. Dat is nuttig als er jaren later een discussie ontstaat over een lek of een gebrek aan de felsbanen, en het is ook de reden waarom verzekeraars en architecten er vaak naar vragen bij een oplevering. Een net bijgehouden dossier van werfmeldingen hoort dan ook bij dezelfde map als de facturen, de garantiecertificaten van de coating en de plannen van de dakconstructie.

Wat u nu kunt doen

Vraag uw aannemer voorafgaand aan de start van de werken om te bevestigen dat de werf correct wordt aangemeld en dat elke onderaannemer die meewerkt aan het felsdak zich apart registreert voor de dagen dat hij aanwezig is. Bij een dak dat in meerdere fasen door verschillende firma's wordt uitgevoerd, vraagt u het best een kort overzicht van de planning, zodat u kunt nagaan of elke fase gedekt is. Het actuele drempelbedrag en de precieze werking van Checkinatwork vindt u op de website van de RSZ; bij twijfel over uw eigen situatie kunt u ook uw sociaal secretariaat of uw aannemersfederatie raadplegen voordat de eerste felsbanen op het dak gelegd worden.

KKlikzink
Pagina'sHomeKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlog
Contact
Adres
© Klikzink