Klikzink

Werfmelding en aanwezigheidsregistratie: doorlooptijd

Wie een dak laat vernieuwen met felsplaten of klikfels, botst op twee administratieve stappen die niets met de bouw zelf te maken hebben, maar er wel voor kunnen zorgen dat de werf een paar dagen of weken later start dan gepland. De eerste is de werfmelding: de aangifte dat er op een bepaald adres werken plaatsvinden. De tweede is de aanwezigheidsregistratie: het bijhouden van wie er op de werf aanwezig is, en wanneer. Beide zijn in België wettelijk verplicht vanaf een bepaald bedrag aan de werken, en beide hebben een eigen, meestal korte, doorlooptijd. Wij zetten op deze pagina uiteen hoeveel tijd u daadwerkelijk moet inrekenen, en wat u ondertussen wel en niet kunt beginnen.

Waar het vandaan komt en wie het doet

De verplichting tot werfmelding en aanwezigheidsregistratie volgt uit de federale regelgeving tegen sociale fraude en zwartwerk in de bouwsector, en geldt in het hele land op dezelfde manier: het gewest waarin de werf ligt, maakt hier geen verschil. De aangifte gebeurt via de elektronische toepassing Checkinatwork, en de meeste aannemers regelen dit zelf, als onderdeel van hun gewone administratie. Als bouwheer hoeft u zich daar doorgaans niet mee te bemoeien, behalve dat u er goed aan doet om in het contract met de aannemer te laten opnemen dat hij hiervoor verantwoordelijk is. Bij een dakrenovatie met felsplaten waarbij meerdere onderaannemers betrokken zijn — een dakdekker voor de plaatsing, mogelijk een tweede firma voor de regenwaterafvoer — moet elke aannemer die op de werf komt, apart geregistreerd worden. Dat is iets anders dan de omgevingsvergunning of de melding die u zelf indient bij de gemeente; wij leggen die stap in detail uit op de algemene pagina over [de werfmelding en aanwezigheidsregistratie bij een felsdak](/belgie/werfmelding).

De eigenlijke werfmelding, het inbrengen van de gegevens van de werf in het systeem, is een kwestie van minuten: de aannemer voert het adres, de start- en einddatum en de aard van de werken in, en de melding is onmiddellijk geregistreerd. Er is dus geen wachttijd zoals bij een vergunningsaanvraag. Het punt waar wel tijd in gaat zitten, is het moment waarop dit moet gebeuren: de melding moet vóór de effectieve start van de werken zijn ingediend, niet erna. Bij een geplande startdatum die vaststaat, is dat geen probleem. Bij een werf die door weersomstandigheden of materiaallevering een paar dagen vroeger of later start dan voorzien, moet de melding worden aangepast — ook dat kost in de praktijk enkele minuten, maar het moet wel gebeuren vóór de nieuwe startdatum, niet achteraf rechtgezet worden.

Wat er ondertussen wel kan

Omdat de werfmelding zelf zo snel gaat, is ze in de praktijk nooit de reden waarom een werf vertraging oploopt. Alle voorbereidende stappen kunnen gewoon doorlopen terwijl de melding nog niet is ingediend: het opmeten van het dak, het bestellen van de felsplaten op maat bij Klikzink, het aanvragen van de omgevingsvergunning of het indienen van de melding bij de gemeente, het regelen van de veiligheidscoördinatie als die verplicht is, en het opstellen van het postinterventiedossier. Ook de levering van de platen vanuit Ede kan al plaatsvinden vóór de werfmelding gebeurt, want dat is een leveringsdatum, geen startdatum van de werken. Wat niet kan, is de aannemer daadwerkelijk aan het werk laten gaan vóór de melding is ingediend: dat is precies het moment waarop de regelgeving aangrijpt, en een controle op de werf zal net op de aanwezigheid van personeel tegenover de melding toetsen.

De aanwezigheidsregistratie werkt net zo: ze verloopt via badges, een mobiele applicatie of een ander toegelaten systeem, en registreert per persoon het moment van aankomst en vertrek op de werf, elke werfdag opnieuw. Dit is geen eenmalige formaliteit zoals de melding, maar een doorlopende verplichting voor de hele duur van de werken. Bij een dakrenovatie die enkele dagen tot een paar weken duurt, betekent dit dat de aannemer elke dag opnieuw registreert wie er aanwezig is — een handeling die zelf nauwelijks tijd vraagt, maar die wel voortdurend moet gebeuren, in tegenstelling tot de werfmelding die u eenmalig indient en alleen aanpast bij wijzigingen.

Wanneer het wel vertraging kan geven

In de praktijk zien wij vooral twee situaties waarin de werfmelding toch voor uitstel zorgt. De eerste is wanneer de startdatum van de werken meermaals verschuift, bijvoorbeeld omdat de levering van de felsplaten vertraagd is of omdat er nog gewacht wordt op de omgevingsvergunning. Elke verschuiving vraagt een aanpassing van de melding, en als een aannemer dat niet consequent bijhoudt, ontstaat een periode waarin de werf wel klaarstaat maar de melding niet meer overeenkomt met de werkelijkheid. Dat levert geen probleem op zolang er niemand op de werf is, maar zodra de eerste werknemer arriveert vóór de aangepaste melding is ingevoerd, is er een overtreding, met een boete als mogelijk gevolg.

De tweede situatie is die van kleinere werven die net onder of net boven de drempel liggen waarop de verplichting van toepassing wordt. Bij een gevelbekleding in klikfels op een beperkt oppervlak, of bij een kleine ingreep zoals wij bespreken bij [de werfmelding en aanwezigheidsregistratie bij een dakkapel of uitbouw](/belgie/werfmelding/dakkapel-of-uitbouw), is het niet altijd op het eerste gezicht duidelijk of het bedrag van de werken de drempel overschrijdt. Het bedrag wordt bepaald op basis van de aannemingsovereenkomst, inclusief btw, en de actuele drempel vindt u via de officiële kanalen van de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid. Wij vermelden hier bewust geen bedrag, omdat dat jaarlijks kan wijzigen; vraag bij twijfel aan de aannemer om dit expliciet te verifiëren vóór de start, zodat er geen tijd verloren gaat aan een melding die achteraf toch nodig blijkt.

Wat dit betekent voor uw planning

Voor de bouwheer is het belangrijkste om te onthouden dat de werfmelding en de aanwezigheidsregistratie zelf geen vertraging veroorzaken in de zin van een wachttijd zoals bij een vergunningsaanvraag: ze zijn in principe onmiddellijk uitvoerbaar. De enige vereiste is chronologisch: de melding moet er zijn vóór de eerste werknemer de werf betreedt, en niet achteraf. Wie zijn planning met de aannemer goed afstemt — een vaste startdatum, tijdig bevestigd na de levering van het materiaal en na de vergunning — zal in de praktijk geen enkele vertraging ondervinden door deze twee verplichtingen. Vraag daarom bij de bevestiging van de startdatum expliciet aan de aannemer of de werfmelding is ingediend, en laat dat, samen met de aanwezigheidsregistratie tijdens de uitvoering, gewoon deel uitmaken van de normale opvolging van de werf, net zoals u dat zou doen bij de planning van de levering of de plaatsing zelf.

KKlikzink
Pagina'sHomeKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlog
Contact
Adres
© Klikzink