Klikzink
Wie een dak laat vernieuwen en daarbij tegen de vraag aanloopt of er een architect bij moet, wil vooral weten wat dat betekent voor de planning. Een architect inschakelen is niet één afspraak en een handtekening: het is een traject met een eigen tempo, dat naast en vóór de eigenlijke dakwerken loopt. De doorlooptijd van die fase hangt af van de complexiteit van het gebouw, van het gewest waarin u werkt, en van hoe snel de vergunningverlenende overheid reageert. Wie dat traject kent, plant zijn werf realistischer en vermijdt dat het felswerk stilligt terwijl er nog papieren onderweg zijn.
Eerst de kernvraag: wanneer moet die architect er überhaupt bij komen. In België is dat niet gekoppeld aan het feit dat het om een dak gaat, maar aan de vraag of de werken een omgevingsvergunning vereisen én stabiliteitswerken inhouden. Bij het vervangen van een dakbedekking op een bestaande structuur, zonder wijziging van de dragende delen, is doorgaans geen architect nodig: u herbekleedt, u vervangt de felsplaten, en de bestaande spanten blijven ongewijzigd. Zodra er sprake is van een nieuwe dakconstructie, van het optrekken van een kap waar er voorheen een plat dak lag, of van een ingreep die de stabiliteit van het gebouw raakt, verandert dat. Dan schrijft de wetgeving in elk van de drie gewesten voor dat een architect het ontwerp opmaakt en de uitvoering controleert. Dat principe is overal in België hetzelfde; wat verschilt, is de snelheid van de administratie erna, en die snelheid is precies waar de doorlooptijd zich voordoet.
Zodra vaststaat dat een architect verplicht is, begint de ontwerpfase. De architect bezoekt de werf, neemt de bestaande dakconstructie op, en bepaalt hoe de nieuwe felsplaten aansluiten op de bestaande muren, schoorstenen en dakranden. Bij een dak met veel doorbrekingen — dakramen, technische doorvoeren, een schouw die blijft staan — duurt die opname langer dan bij een eenvoudig zadeldak zonder onderbrekingen. De architect werkt vervolgens plannen uit die niet alleen de vorm van het dak vastleggen, maar ook de materialen, de dakhelling en de manier waarop het geheel voldoet aan de energieprestatie-eisen. Voor felsplaten betekent dat concreet dat de architect vastlegt hoe de banen lopen, waar de sneden vallen bij aansluitingen op dakkapellen of dakranden, en hoe de plaat wordt bevestigd. Wie zich afvraagt hoe die aansluiting op complexe punten precies verloopt, vindt daarover meer uitleg bij de pagina over de aansluiting op de nok, want dat is een detail dat de architect in het plan al moet voorzien voordat de aannemer met de klemmen aan de slag gaat.
Deze ontwerpfase neemt doorgaans meer tijd in beslag dan mensen verwachten, precies omdat de architect niet alleen tekent, maar ook rekent: de stabiliteit van de bestaande structuur moet berekend worden als daarop een nieuwe daklast komt, en bij twijfel wordt daarvoor een ingenieur stabiliteit bijgevraagd. Bij een eenvoudige herbekleding van een bestaand dak, waar geen architect nodig is, vervalt deze fase volledig — wat meteen verklaart waarom dat traject sneller gaat dan wanneer de kapconstructie zelf wijzigt.
Zodra het ontwerp klaar is, dient de architect — of de bouwheer, met het dossier van de architect als bijlage — de aanvraag voor een omgevingsvergunning in. Hier loopt de doorlooptijd sterk uiteen tussen de gewesten, en dat is meteen de kern van waarom deze fase niet in één vaste termijn te vatten is. In het Vlaamse Gewest verloopt de aanvraag via het Omgevingsloket en gelden behandeltermijnen die in het Vlaams Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) zijn vastgelegd, met een onderscheid tussen een eenvoudige en een uitgebreide procedure. In het Waalse Gewest verloopt de procedure via de gemeente en eventueel de fonctionnaire délégué, de gewestelijke ambtenaar die over bepaalde dossiers oordeelt, met termijnen die voortvloeien uit het Code du Développement Territorial (CoDT). In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest ten slotte loopt de aanvraag via het Brussels Wetboek van Ruimtelijke Ordening (BWRO), en kan de gemeente of het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zelf bevoegd zijn naargelang de omvang van het project.
Deze administratieve termijnen zijn wettelijk vastgelegd, maar in de praktijk lopen ze soms langer uit doordat een dossier onvolledig verklaard wordt, doordat er een openbaar onderzoek nodig is, of doordat de gemeente om een advies van een andere instantie moet vragen. Een architect die het dossier grondig voorbereidt, met correcte plannen en volledige bijlagen, beperkt het risico dat de klok opnieuw begint te lopen na een vraag om aanvulling. Dat is meteen een tweede reden waarom de architect niet alleen tekent, maar ook het tempo van de hele fase mee bepaalt: een onvolledig dossier is de meest voorkomende oorzaak van vertraging, niet de wachttijd bij de overheid zelf.
Een vraag die bouwheren zich vaak stellen: kan de aannemer al starten met de bestelling van de felsplaten terwijl de vergunning nog loopt. Materiaal bestellen en laten produceren op maat — onze platen worden desgevraagd tot 8000 mm op lengte gezaagd en vanuit Ede geleverd — kan in theorie al gebeuren zodra de definitieve maten en het type profiel vastliggen, want dat verandert de vergunningsaanvraag niet. Wat niet kan, is effectief beginnen met de werken zelf: het dak openbreken, de kapconstructie wijzigen of de nieuwe felsbanen plaatsen voordat de omgevingsvergunning definitief is verleend. Wie dat toch doet, bouwt zonder vergunning, met alle risico's die daarbij horen, tot en met de mogelijkheid dat de overheid de werken laat stopleggen.
Ondertussen kan wel voorbereidend werk gebeuren dat geen deel uitmaakt van de vergunningsplichtige ingreep: de stelling opbouwen, het dak leegmaken, oude bedekking verwijderen als dat als afzonderlijke sloopactiviteit is toegelaten. Ook de keuze van de aannemer, de afspraken over de veiligheidscoördinator bij werken waar dat verplicht is, en de voorbereiding van het postinterventiedossier kunnen al lopen terwijl de vergunning nog in behandeling is. Zo staat er bij het verkrijgen van de vergunning meteen een aannemer klaar om te starten, in plaats van dat die periode ook nog verloren gaat aan het zoeken van een uitvoerder.
Eens de vergunning binnen is, begint de uitvoering, en ook daar houdt de rol van de architect niet op. Bij werken waarvoor een architect verplicht was voor het ontwerp, is die architect ook wettelijk verplicht om de uitvoering te controleren en de overeenstemming met de vergunde plannen te bevestigen. Dat betekent werfbezoeken op de momenten die voor het dak cruciaal zijn: bij de opbouw van de kapconstructie, bij de controle van de dakhelling — die voor felsplaten van dit type ten minste zes graden moet bedragen om een goede waterafvoer te garanderen — en bij de eindcontrole van de afwerking. Deze fase loopt parallel met de werf zelf en verlengt de doorlooptijd van het architectentraject dus tot ver na de vergunningsaanvraag: pas bij de oplevering en de opmaak van het einddossier is de opdracht van de architect afgerond.
Wie wil weten hoelang de architectenfase in zijn eigen dossier zal duren, vraagt best eerst aan de gemeente of de ingreep effectief een architect en een omgevingsvergunning vereist, en informeert vervolgens bij de architect zelf naar een concrete planning voor ontwerp, aanvraag en uitvoering. Zo weet u van bij de start welke stappen na elkaar lopen, welke ondertussen al kunnen starten, en op welk moment de eigenlijke dakwerken effectief van start mogen gaan.