Klikzink

Energieprestatie bij verkoop van tuinhuis of bijgebouw

Wie een huis verkoopt met een tuinhuis, poolhouse of vrijstaand bijgebouw op het perceel, krijgt vroeg of laat de vraag of dat bijgebouw ook een energieprestatiecertificaat nodig heeft. Het antwoord hangt af van wat het bijgebouw precies is, hoe het verwarmd wordt en of het een aparte kadastrale eenheid vormt. Dat maakt deze situatie anders dan het EPC van de hoofdwoning, en het is de moeite om dat vooraf helder te hebben, want een verkeerde inschatting kan bij de akte voor vertraging zorgen.

De kernregel in alle drie de gewesten is dezelfde: een EPC is verplicht voor elke eenheid met een eigen woon- of gebruiksfunctie die verkocht of verhuurd wordt. Een tuinhuis dat enkel dient om het gazongerei en de fietsen te bergen, valt daar niet onder. Een bijgebouw dat is ingericht als bureau, gastenverblijf of kangoeroewoning met eigen sanitair en verwarming, kan wel als afzonderlijke eenheid gelden en dan is er wél een certificaat voor nodig, los van dat van de hoofdwoning. De deskundige die het EPC opmaakt, beoordeelt dit op basis van de werkelijke situatie op het terrein, niet op basis van de naam die de eigenaar aan het gebouwtje geeft.

Het gewicht van verwarming en isolatie

De knoop die het onderscheid maakt, is meestal de verwarming. Een tuinhuis zonder vaste verwarmingsinstallatie en zonder aansluiting op nutsvoorzieningen wordt door de energiedeskundige doorgaans als bijgebouw zonder energieprestatie-eisen beschouwd, ook als het een dak, ramen en een deur heeft. Zodra er een elektrische kachel, een vloerverwarming of een aansluiting op de cv van het hoofdgebouw bijkomt, verschuift de beoordeling. De deskundige zal dan willen weten of het bijgebouw een volwaardig verblijf is geworden, met alle gevolgen die daaraan vasthangen voor de isolatie van vloer, muren en dak.

Dat is precies waar een dakrenovatie van het bijgebouw in het verhaal komt. Wie het platte of hellende dak van een tuinhuis vervangt door een pakket met dakplaten, isolatie en een onderdak, verandert de energieprestatie van dat volume ingrijpend. Een tuinhuis dat voorheen als koude, ongeïsoleerde berging gold, kan na zo'n renovatie plots voldoen aan de voorwaarden om als verwarmbare ruimte te tellen. Bij verkoop moet de energiedeskundige die overgang correct in het certificaat verwerken, en dat kan alleen als hij ziet wat er precies in de dakopbouw zit.

Welk bewijs de deskundige wil zien

De energiedeskundige werkt met een inspectieprotocol en heeft voor elke laag van de dakopbouw een gedocumenteerde herkomst nodig. Voor een gefelst stalen dak op een tuinhuis of bijgebouw betekent dit concreet dat hij vraagt naar de technische fiche van de dakplaten, de dikte en het type van de isolatie, en het al dan niet aanwezig zijn van een onderdak of dampscherm. Een factuur of leveringsbon van de aannemer met de materiaalspecificaties is doorgaans voldoende; foto's van de werf tijdens de opbouw helpen, zeker wanneer de isolatie nadien niet meer zichtbaar is.

Zonder dat bewijs valt de deskundige terug op een standaardwaarde voor de leeftijd en het type van het gebouw, en die standaardwaarde is bijna altijd ongunstiger dan de werkelijke isolatiewaarde van een nieuw dakpakket. Wie recent zo'n dak liet plaatsen en bij verkoop een correct certificaat wil, doet er dus goed aan om het dossier van de aannemer te bewaren: het lastenboek, de facturen en idealiter een verklaring van de uitvoerder over de opbouw van het dak. Dat geldt overigens niet alleen voor bijgebouwen; hetzelfde principe leggen wij uit bij [de energieprestatie bij een dakrenovatie](/belgie/epc/dakrenovatie).

Vergunning en aparte kadastrale eenheid

Of een bijgebouw een eigen EPC nodig heeft, hangt soms ook samen met de vraag of het een eigen kadastraal perceel of eigen huisnummer heeft. Een tuinhuis dat louter bijgebouw is bij de hoofdwoning en op hetzelfde perceel staat, wordt bij verkoop meestal mee opgenomen in het EPC van de woning als geheel, of expliciet uitgesloten als niet-verwarmde bijruimte. Een bijgebouw dat kadastraal als afzonderlijke wooneenheid geregistreerd staat, met eigen toegang vanaf de openbare weg, moet apart gecertificeerd worden zodra het los verkocht of verhuurd wordt.

Dit raakt ook aan de vergunning. Het plaatsen of vervangen van een dak op een tuinhuis of bijgebouw is in de drie gewesten vaak vrijgesteld van een omgevingsvergunning, zolang het bijgebouw onder een bepaalde oppervlakte en hoogte blijft en op voldoende afstand van de perceelsgrens staat. Maar die grenzen zijn niet overal identiek: het Vlaams Gewest, het Waalse Gewest en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest hanteren elk hun eigen oppervlaktegrenzen en eigen uitzonderingen, bijvoorbeeld wanneer het bijgebouw in een verkavelingsverordening, een beschermd landschap of dicht bij de rooilijn ligt. Wie twijfelt of het eigen tuinhuis onder de vrijstelling valt, vraagt dat best na bij de gemeente vóór de werken starten, want een vergunningsplichtig bijgebouw dat toch zonder vergunning is opgetrokken, kan bij de verkoop voor complicaties zorgen die los staan van het EPC.

Wat dit betekent bij de verkoop van het geheel

In de praktijk verloopt de meeste verkoop van een woning met tuinhuis of bijgebouw zonder problemen: de notaris vraagt het EPC van de hoofdwoning op, en het bijgebouw wordt vermeld als bijhorigheid zonder eigen energieprestatie-eisen. Toch loont het om dit vooraf met de energiedeskundige te bespreken, zeker wanneer het bijgebouw recent een nieuw dak, betere isolatie of een verwarmingstoestel kreeg. Een deskundige die niet op de hoogte is van die aanpassing, werkt met de oude, minder gunstige gegevens, en dat drukt het energielabel van het geheel onnodig naar beneden.

Het is daarom zinvol om, wanneer u een tuinhuis of bijgebouw liet (her)bedaken met een stalen felsdak, de documentatie van dat werk apart te bewaren en bij de verkoop actief aan de deskundige voor te leggen. Dat is een klein stukje administratie dat achteraf een aantoonbaar beter certificaat kan opleveren, en dus een sterker verkoopdossier. Voor de bredere uitleg over hoe het EPC bij verkoop in België precies werkt, per gewest en per instantie, verwijzen wij naar onze pagina over [de energieprestatie bij verkoop bij een felsdak in België](/belgie/epc).

Wie nu een tuinhuis of bijgebouw wil laten voorzien van een nieuw dak met het oog op een toekomstige verkoop, doet er goed aan om vooraf bij de gemeente te informeren of het werk vergunningsvrij is, de technische fiches van de gebruikte materialen te bewaren, en de aannemer te vragen om de opbouw van het dak schriftelijk te bevestigen. Zo staat, wanneer de energiedeskundige langskomt, het bewijs klaar dat het bijgebouw echt beter isoleert dan de standaardwaarde laat vermoeden.

KKlikzink
Pagina'sHomeKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlog
Contact
Adres
© Klikzink