Klikzink

Energieprestatie bij verkoop van een gevelbekleding

Wie een woning verkoopt of verhuurt in België, moet een geldig EPC voorleggen. Dat certificaat zegt iets over de energieprestatie van het hele gebouw, en de gevel is daarin een van de vlakken die meetellen. Een nieuwe gevelbekleding met stalen klikfels verandert op zichzelf niets aan de energieprestatie: klikfels zijn een afwerking, geen isolatie. Wat wél telt, is wat er onder die felsplaten zit. Wordt de gevel bij deze werken ook geïsoleerd, dan verbetert het EPC. Blijft de bestaande muuropbouw ongewijzigd en komt er alleen een nieuwe bekleding op, dan verandert het certificaat niet of nauwelijks, ook al ziet de gevel er volledig vernieuwd uit.

Dit is meteen het verschil met een dak. Bij een dakrenovatie ligt de isolatie vaak in hetzelfde werk besloten, omdat het dakpakket toch openligt en de dampscherm, isolatie en onderdak in één beurt worden aangepakt, zoals wij uitleggen bij [de energieprestatie bij verkoop bij een dakrenovatie](/belgie/epc/dakrenovatie). Bij een gevel is dat minder vanzelfsprekend. Een aannemer kan een bestaande spouwmuur, een houtskeletbouwgevel of een betonnen wand bekleden met een felssysteem zonder de isolatie ooit aan te raken. Dat is bouwtechnisch perfect mogelijk en gebeurt vaak, bijvoorbeeld bij een renovatie waarbij alleen het uitzicht van de gevel moet veranderen. Voor het EPC is het dan cruciaal om vooraf te weten of isolatie deel van het plan is, want dat bepaalt of de werken een energetisch effect hebben dat de deskundige kan optekenen.

De deskundige die het EPC opmaakt, werkt met de energieprestatieregelgeving (EPB) van het gewest waar het gebouw staat. Hij komt niet zomaar op zijn woord af: hij wil bewijs zien van wat er in de gevelopbouw zit. Bij nieuwbouw of een ingrijpende energetische renovatie is dat het EPB-dossier met de U-waardeberekening van de gevel, opgemaakt door de architect of energieverslaggever. Bij een bestaande woning waar alleen de gevelbekleding wordt vervangen, telt vooral wat aantoonbaar aanwezig is: facturen van de isolatie die destijds is aangebracht, een technische fiche van het isolatiemateriaal, foto's genomen tijdens de werken vóór de felsplaten dichtgingen, of een verklaring van de aannemer over de opbouw. Zonder dat bewijs valt de deskundige terug op een standaardwaarde die vaak ongunstiger is dan de werkelijkheid, en dat drukt het energielabel onnodig naar beneden.

Daarom raden wij aan om bij een gevelrenovatie met stalen klikfels altijd foto's te (laten) maken van de opbouw voor de bekleding wordt gemonteerd: de draagstructuur, de isolatie met dikte en type zichtbaar, de eventuele dampscherm en de regelafstand. Dat is dezelfde reflex als bij een dakrenovatie of een dakkapel, waar het dossier ook pas compleet is met bewijs van wat er in de opbouw zit, zoals te lezen bij [de energieprestatie bij verkoop bij een dakkapel of uitbouw](/belgie/epc/dakkapel-of-uitbouw). Die foto's kosten niets, nemen een paar minuten in beslag en zijn op het moment van verkoop, soms jaren later, het verschil tussen een EPC dat de werkelijke toestand weergeeft en een dat op een conservatieve schatting is gebaseerd.

Waar de gevel écht een ander verhaal is dan het dak, is niet het EPC zelf maar de vergunning die eraan voorafgaat. Een dak ligt horizontaal en is van op straat doorgaans beperkt zichtbaar, tenzij het zicht vanaf een hoger gelegen punt of vanaf de rooilijn iets anders leert. Een gevel ligt verticaal, grenst rechtstreeks aan de rooilijn en bepaalt het straatbeeld. Dat verandert wie er in de gemeente naar kijkt en welke voorwaarden meespelen. Een dakrenovatie kan soms zonder omgevingsvergunning, als de ingreep beperkt blijft en het dakvolume niet wijzigt. Bij een gevel ligt de drempel voor vrijstelling doorgaans lager, precies omdat de gevel het aanzicht van de straat mee bepaalt en de gemeente daar sneller een oordeel over wil kunnen vormen, zeker in een dorpskern, een verkaveling met voorschriften of een straat met een beschermd karakter.

In Vlaanderen toetst de gemeente een gevelwijziging aan het Vlaams Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) en aan de eigen verordeningen, en gaat de aanvraag via het Omgevingsloket. In het Waalse Gewest verloopt dezelfde toetsing via de gemeente of, bij grotere dossiers, de fonctionnaire délégué, op basis van het Code du Développement Territorial (CoDT). In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is het Brussels Wetboek van Ruimtelijke Ordening (BWRO) de leidraad, en daar speelt bovendien vaak een gemeentelijke bouwverordening mee die net iets strenger is voor gevels aan de straatzijde dan voor daken. Het is dus zaak om, vóór de felsplaten besteld worden, bij de eigen gemeente na te gaan of voor deze gevel een vergunning nodig is, en zo ja, welk kleurenpalet of welke afwerking toegelaten is. Dat heeft geen invloed op het EPC, maar wel op de planning van de werf, en een stilgelegde werf door een ontbrekende vergunning duwt ook de EPC-afspraak achteruit.

De premies die aan de gevelrenovatie vasthangen, volgen een andere logica dan de vergunning. Voor isolatie van de gevel bestaan in elk gewest premies of fiscale voordelen, toegekend door de gewestelijke energie-instantie: het Vlaams Energie- en Klimaatagentschap in Vlaanderen, de Waalse energiedienst in het Waalse Gewest, en Brugel of de bevoegde Brusselse dienst in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. De voorwaarden en bedragen wijzigen jaarlijks, dus wie een concreet cijfer nodig heeft, zoekt dat het best rechtstreeks bij die instantie of bij de eigen energiedeskundige op, in plaats van op een oud bedrag te rekenen. Voor de aanvraag van een premie is vaak net dezelfde documentatie nodig als voor het EPC: een technische fiche van de isolatie, een factuur met de juiste vermeldingen, en soms een foto van de opbouw. Wie die documenten toch al verzamelt voor de premie, heeft ze meteen ook klaar voor de energiedeskundige.

Een laatste punt waarop een gevel afwijkt van een dak, is de zichtbaarheid van het werk zelf tijdens de uitvoering. Bij gevelwerken aan de rooilijn is een inname van het voetpad of de openbare weg vaak nodig voor de stelling, wat een aparte gemeentelijke toelating vergt naast de eventuele omgevingsvergunning. Dat heeft evenmin invloed op het EPC, maar het is typisch iets wat bij een gevel wel en bij een dak zelden een rol speelt, en het loont om dat samen met de aannemer op voorhand te regelen zodat de werf niet vertraagt.

Wie zijn gevel laat bekleden met stalen klikfels en op termijn wil verkopen of verhuren, doet er dus goed aan om vooraf te bepalen of isolatie deel uitmaakt van de werken, dat te laten vastleggen in foto's en facturen, en bij de gemeente te informeren of voor de ingreep aan de rooilijn een vergunning nodig is. Zo ligt bij de eigenlijke verkoop het bewijs klaar dat de energiedeskundige nodig heeft, en is er geen verrassing meer over de vergunningsplicht die alleen voor de gevel en niet voor het dak zou hebben gegolden.

KKlikzink
Pagina'sHomeKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlog
Contact
Adres
© Klikzink