Klikzink

ABR-verzekering voor een Nederlandse aannemer in België

Een Nederlandse aannemer die een werf aanneemt in België, merkt al snel dat de ABR-verzekering — de Alle Bouwplaats Risico verzekering — niet zomaar hetzelfde werkt als thuis. De naam is gelijk, het principe is gelijk, maar de partijen, de gewoonten op de werf en de juridische omgeving verschillen. Wie dat niet weet, loopt het risico dat er bij schade een discussie ontstaat over wie waarvoor verzekerd was, precies op het moment dat u die discussie niet kunt gebruiken.

Wat de ABR-verzekering dekt, blijft in de kern hetzelfde als in Nederland: schade aan het bouwwerk zelf tijdens de uitvoering, door bijvoorbeeld storm, brand, waterschade of een fout tijdens de montage. Bij een open dak — een dak dat tijdens de werken nog niet waterdicht is, zoals bij het plaatsen van felsplaten op een nieuwe of vernieuwde dakstructuur — is dat risico reëel. Een bui die naar binnen slaat voordat de laatste banen gelegd zijn, kan aanzienlijke schade aan de onderliggende constructie of aan al geplaatste isolatie veroorzaken. In Nederland is dat een bekend gegeven; in België is het niet anders, maar de manier waarop de verzekering geregeld wordt, ligt vaak bij een andere partij dan u verwacht.

Wie sluit de verzekering af

In Nederland is het gebruikelijk dat de hoofdaannemer of de opdrachtgever een ABR-polis afsluit die het hele project dekt, en dat onderaannemers daaronder meeliften. In België is dat evengoed mogelijk, maar het is minder vanzelfsprekend dat dit ook gebeurt. Vooral bij kleinere werven, verbouwingen en particuliere opdrachten laat de Belgische bouwheer — de opdrachtgever, in het Belgische taalgebruik — de verzekering nogal eens over aan de aannemer zelf, zonder dat daar in het lastenboek of de offerte expliciet over onderhandeld is. Voor een Nederlandse aannemer die voor het eerst in België werkt, is de eerste stap dan ook: navragen wie de ABR-polis afsluit, en dat schriftelijk vastleggen voordat de werken starten. Vraag niet alleen of er een polis is, maar ook wie de verzekeringnemer is en welke partijen als medeverzekerde zijn opgenomen. Een onderaannemer die niet als medeverzekerde vermeld staat, valt bij schade vaak buiten de dekking, ook al heeft hij op de werf gewerkt.

Als Nederlandse aannemer kunt u ook zelf een ABR-polis afsluiten voor het specifieke project in België. Nederlandse verzekeraars bieden dat aan, maar niet elke polis is automatisch geschikt voor een Belgische werf: de polisvoorwaarden moeten uitdrukkelijk vermelden dat de dekking geldt voor werken op Belgisch grondgebied, en bij voorkeur ook dat ze rekening houden met de Belgische wetgeving rond aansprakelijkheid. Een polis die alleen op het Nederlandse Burgerlijk Wetboek is afgestemd, kan bij een schadegeval in België tot onduidelijkheid leiden over welk recht van toepassing is en welke procedures gevolgd moeten worden.

De tienjarige aansprakelijkheid speelt hier ook een rol, al gaat de ABR-polis daar niet rechtstreeks over. De ABR-verzekering dekt de bouwperiode zelf; de tienjarige aansprakelijkheid — vergelijkbaar met wat in Nederland soms de garantietermijn wordt genoemd, maar in België wettelijk verankerd is voor ernstige gebreken aan de stabiliteit van het gebouw — begint pas te lopen na de oplevering. Een Nederlandse aannemer die in België een dak plaatst, doet er goed aan om na te gaan of hij daarvoor een aparte verzekering nodig heeft, los van de ABR-polis die alleen de werf zelf afdekt.

Waarom een open dak een apart geval is

Bij een felsdak ligt het dak, zolang niet alle banen gelegd en aangesloten zijn, tijdelijk open voor weersinvloeden. Dat is niet anders dan bij een Nederlandse werf, maar de manier waarop verzekeraars in België daarmee omgaan, verschilt in de praktijk. Sommige Belgische polissen sluiten schade door neerslag tijdens de uitvoering expliciet uit als er geen tijdelijke afdichting of noodvoorziening was aangebracht, terwijl andere polissen dat risico juist standaard meeverzekeren. Voor een Nederlandse aannemer die met de eigen, Nederlandse polis werkt, is het daarom belangrijk om vooraf te controleren of die polis dezelfde uitsluitingen kent, en of de Belgische bouwheer of architect specifieke eisen stelt aan de bescherming van het dak tijdens de werken. Dat laatste komt regelmatig terug in het lastenboek, en het is een detail dat gemakkelijk over het hoofd gezien wordt door wie gewend is aan de Nederlandse gang van zaken.

De fasering van de werken speelt hierbij ook mee. Wij lichten dat uitgebreider toe bij [de ABR-verzekering bij een felsdak in België](/belgie/abr-verzekering), maar voor een Nederlandse aannemer is het kernpunt dit: hoe langer een dak open ligt, hoe groter het risico dat een verzekeraar als niet-gedekt beschouwt wanneer er geen redelijke voorzorgsmaatregelen zijn genomen. Werk daarom met een planning die de periode van open dak zo kort mogelijk houdt, en leg vast — bijvoorbeeld in het postinterventiedossier of in de werfverslagen — welke maatregelen genomen zijn bij aangekondigd slecht weer.

Verschillen tussen nieuwbouw, renovatie en andere situaties

Of het om nieuwbouw, een dakrenovatie of een dakkapel gaat, maakt voor de ABR-polis in België verschil, net als in Nederland. Bij nieuwbouw is er doorgaans geen bestaande constructie die al risico's met zich meebrengt, terwijl bij renovatie de bestaande draagstructuur en de reeds aanwezige afwerking mee verzekerd moeten worden. Voor een Nederlandse aannemer die op verschillende soorten Belgische werven actief is, is het dan ook nuttig om per projecttype na te gaan wat de aandachtspunten zijn — wij werken dat verder uit bij [de ABR-verzekering bij een dakrenovatie](/belgie/abr-verzekering/dakrenovatie) en bij [de ABR-verzekering bij een dakkapel of uitbouw](/belgie/abr-verzekering/dakkapel-of-uitbouw). Het is geen kwestie van een andere verzekering per situatie, maar van een andere risico-inschatting die de verzekeraar maakt, en die zich vertaalt in andere voorwaarden of uitsluitingen in de polis.

Wat u als Nederlandse aannemer concreet moet regelen

Voordat u met een Belgische werf start, is het raadzaam om een aantal zaken op papier te zetten. Vraag de bouwheer of de hoofdaannemer om een kopie van de ABR-polis, en controleer of uw eigen bedrijf daarin als medeverzekerde is opgenomen. Ga na of de polis expliciet Belgisch grondgebied dekt en of ze rekening houdt met de Belgische wettelijke aansprakelijkheid, inclusief de tienjarige aansprakelijkheid na oplevering. Bekijk of er in het lastenboek eisen staan over de bescherming van een open dak tijdens de werken, en zorg dat uw planning daarop is afgestemd. En houd rekening met de rol van de veiligheidscoördinator op de werf: die kan bijkomende eisen stellen aan de werforganisatie die niet rechtstreeks met de verzekering te maken hebben, maar er wel invloed op hebben of een schadegeval als vermijdbaar wordt beschouwd.

Als uw eigen ABR-polis niet volstaat of niet is afgestemd op de Belgische situatie, is het overleg met een verzekeringstussenpersoon die met Belgische bouwprojecten vertrouwd is, de moeite waard. Zo vermijdt u dat een schadegeval tijdens de uitvoering — net op het moment dat het dak nog open ligt — uitmondt in een discussie over dekking in plaats van in een snelle afhandeling. Neem deze punten door voordat u de eerste felsbaan op een Belgische werf legt, en leg de afspraken schriftelijk vast met de bouwheer of hoofdaannemer.

KKlikzink
Pagina'sHomeKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlog
Contact
Adres
© Klikzink