Klikzink

Brandreactie van het dak in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest

De regel over de brandreactie van dakbedekking is federale materie en geldt op dezelfde manier in de drie gewesten: een dakbedekking moet bij brand van buitenaf, bijvoorbeeld door overwaaiend vuur of vallende vonken van een schouw bij de buren, voldoende weerstand bieden zodat het vuur zich niet ongecontroleerd over het dakvlak verspreidt. Die eis staat los van de stedenbouwkundige toets en verandert niet naargelang het gewest waarin de werf ligt. Wat in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest wél eigen is, is de context waarin die eis wordt getoetst: een dicht bebouwd gewest met veel aaneengesloten bebouwing, veel beschermd erfgoed op een klein oppervlak, en een eigen stedenbouwkundige en premie-administratie die met de brandveiligheid van een dak te maken kan krijgen zonder dat de brandnorm zelf verschilt.

Voor stalen felsplaten zoals de onze speelt die eis in de praktijk zelden een probleem. Metaal brandt niet en de klassering die voor dit soort dakbedekking geldt, wordt zonder bijzondere voorbehandeling gehaald. Toch is dat geen vrijbrief om er niets mee te doen: de aannemer moet op de werf kunnen aantonen dat het geleverde materiaal effectief aan die klasse voldoet. Dat gebeurt met een classificatierapport of een verklaring van de fabrikant, gebaseerd op de Europese testnorm voor brandgedrag van daken bij blootstelling aan een extern vuur. Wie op een Brusselse werf staat en die documenten niet bij de hand heeft, riskeert bij een controle of bij de definitieve oplevering discussie met de architect of de verzekeraar, ook al is het materiaal zelf in orde.

Waarom dit net in Brussel gevoelig ligt

In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest liggen daken vaak op korte afstand van de perceelsgrens en van de buren, in rijhuizen, herenhuizen of appartementsgebouwen die tegen elkaar aan staan. Die typologie is precies het scenario waarvoor de norm over brandreactie van buitenaf is geschreven: vuur dat via het dak van het ene pand naar het andere overslaat. Een aannemer die op zo'n werf een felsdak legt, moet er dus niet alleen zeker van zijn dat het pakket voldoet, maar ook dat de opbouw daaronder, isolatie, dampscherm, onderdak, geen zwakke schakel vormt. De classificatie van een dakopbouw geldt namelijk voor het geheel van de laag die aan het vuur wordt blootgesteld, niet voor de dakplaat alleen. Bij een dakrenovatie waarbij oude isolatie blijft liggen en er alleen een nieuwe felslaag boven komt, is dat een aandachtspunt dat wij uitgebreider behandelen bij [brandreactie bij een dakrenovatie](/belgie/brandreactie/dakrenovatie): welke laag telt mee, en wat verandert er ten opzichte van de bestaande opbouw.

Brussel telt daarnaast veel panden die op de inventaris van het bouwkundig erfgoed staan of die formeel beschermd zijn. Dat raakt in de eerste plaats de omgevingsvergunning, zoals wij uitleggen bij [de omgevingsvergunning voor een dak in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest](/belgie/stedenbouwkundige-vergunning/brussel), maar het heeft ook een onrechtstreeks gevolg voor de brandreactie-eis. Bij een beschermd dak wordt vaak gevraagd om het bestaande uitzicht, de kleur, het profiel of het type dakbedekking te bewaren. Dat beperkt de keuze aan materialen die de architect mag voorstellen, maar het ontslaat de aannemer niet van de plicht om binnen die beperkte keuze toch een dakbedekking te leggen die aan de brandnorm voldoet. Bij stalen felsplaten is dat doorgaans geen probleem: het materiaal is beschikbaar in een brede kleurenwaaier en in profielen die een klassiek dakbeeld benaderen, zodat de erfgoedvoorwaarde en de brandveiligheidseis elkaar niet in de weg zitten.

Het postinterventiedossier en de rol van de veiligheidscoördinator

Zoals in de andere twee gewesten moet op een Brusselse werf waar meerdere aannemers na elkaar werken, een veiligheidscoördinator worden aangesteld zodra de wetgeving over tijdelijke en mobiele bouwplaatsen dat vereist. Die coördinator stelt het postinterventiedossier op, het document dat na de werken meegaat met het gebouw en dat toekomstige werven op datzelfde dak moet informeren over de opbouw en de gebruikte materialen. Voor de dakwerker betekent dit dat de technische fiche van de felsplaten, met daarin de brandclassificatie, standaard in dat dossier terechtkomt. Wie dat niet aanlevert, laat een gat vallen dat jaren later problemen geeft, bijvoorbeeld wanneer een volgende aannemer niet meer kan aantonen welk materiaal er ligt en de eigenaar het bewijs opnieuw moet laten opmaken.

Bij overheidsgebouwen en scholen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, waarvan er door de dichte bebouwing relatief veel op een beperkt grondgebied staan, ligt de lat voor documentatie doorgaans nog hoger dan bij een gewone woning. De reden daarvoor, en wat een aanbestedende overheid concreet vraagt in het lastenboek, leggen wij uit bij [brandreactie van het dak bij een aanbesteding voor een school of openbaar gebouw](/belgie/brandreactie/openbaar-gebouw). Voor een privéwoning in Brussel is de verplichting dezelfde als elders in het land, maar de kans dat een verzekeraar of een architect achteraf om het bewijs vraagt, ligt door de dichte bebouwing en de vele gedeelde muren en daken net wat hoger dan op een geïsoleerd staande woning op het platteland.

Premies en de rol van de gewestelijke administratie

Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest kent, net als de andere twee gewesten, een eigen stelsel van premies voor dakwerken, bijvoorbeeld voor renovatie of voor energetische verbetering van het dak. Die premies worden aangevraagd bij de Brusselse gewestelijke administratie, en de voorwaarden en actuele bedragen daarvan wijzigen regelmatig; wij vermelden ze hier bewust niet, en verwijzen voor de juiste, actuele voorwaarden naar de gewestelijke overheidswebsite. Een premievoorwaarde raakt zelden rechtstreeks de brandreactie-eis, maar in de praktijk vraagt de administratie bij een premiedossier vaak wel om de technische fiches van de gebruikte materialen. Wie die documentatie al heeft klaarliggen voor de brandnorm, heeft in feite ook al het grootste deel van wat voor de premie-aanvraag nodig is.

Voor de tienjarige aansprakelijkheid van de aannemer, die in heel België op dezelfde manier geldt, is het bewijs van de brandreactie eveneens relevant: bij een schadegeval na jaren is het rapport dat het gebruikte materiaal destijds aan de norm voldeed, vaak het eerste dat de verzekeraar opvraagt. Op een Brusselse werf, waar veel panden dicht tegen elkaar staan en een schadegeval snel meerdere eigenaars raakt, is dat geen theoretisch scenario.

Wat u nu kunt doen

Vraagt u bij de offerte van uw aannemer het classificatierapport van de dakbedekking op, en laat u dat document, samen met de technische fiche van de felsplaten, opnemen in het postinterventiedossier van uw werf. Voor de omgevingsvergunning en voor de actuele premievoorwaarden in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest neemt u contact op met de gewestelijke administratie of raadpleegt u de officiële website, zodat u met de geldende bedragen en termijnen werkt in plaats van met verouderde informatie.

KKlikzink
Pagina'sHomeKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlog
Contact
Adres
© Klikzink