Klikzink
Bij een dakrenovatie verdwijnt het bestaande dak en komt er een nieuwe opbouw voor terug: nieuwe isolatie, een nieuwe onderconstructie en de felsplaten of klikfels als afwerking. Op dat moment ontmoeten drie dossiers elkaar die anders los van elkaar zouden lopen. De premie-instantie van uw gewest wil een bepaalde Rd-waarde zien voordat ze uitbetaalt. De EPB-verslaggever heeft diezelfde waarde nodig om de aangifte correct in te vullen. En als het dak van vorm verandert, of als de werken onder een meldingsplicht of vergunning vallen, speelt de Rd-waarde soms ook daar een rol. Wie dat niet op voorhand weet, ontdekt het pas als de rekeningen al gemaakt zijn en de plaat al ligt.
De Rd-waarde is de warmteweerstand van de volledige dakopbouw, niet van één laag isolatie. Dat is het punt waar het bij een renovatie het vaakst fout gaat. Een aannemer bestelt isolatieplaten met een bepaalde dikte, in de veronderstelling dat dikte automatisch de juiste weerstand geeft. Maar de Rd-waarde die de premie-instantie en de EPB-verslaggever willen zien, is die van de opbouw zoals ze uiteindelijk op het dak ligt: isolatie, eventuele luchtspouw, dampscherm, onderconstructie en de felsplaat zelf. Bij een dakrenovatie ligt die opbouw meestal helemaal open te bekijken, wat een voordeel is ten opzichte van werken waarbij een bestaande laag blijft liggen. Maar het betekent ook dat er geen ruimte is om achteraf te wijzen naar een laag die er al lag: bij een volledige renovatie is de opbouw uw verantwoordelijkheid, van gordingen tot bevestiging.
Onze felsbanen worden blind bevestigd met klemmen op de onderconstructie, met een fels van 35 mm en een werkende breedte van 475 mm. Dat betekent dat de isolatie zelf niet doorboord wordt door de bevestiging van de dakbedekking, wat gunstig is voor de continuïteit van de isolatielaag en dus voor de gemeten Rd-waarde. Een systeem dat wél door de isolatie heen schroeft, creëert kleine koudebruggen op elk bevestigingspunt, en die tellen mee in de berekening. Bij een dakrenovatie waarbij de oude isolatie er sowieso af moet, is dit het moment om die keuze te maken: niet achteraf repareren, maar de opbouw vanaf het begin zo ontwerpen dat de berekende Rd-waarde ook de werkelijke wordt.
De premie voor dakisolatie bij een renovatie wordt in elk van de drie gewesten apart georganiseerd, en de instantie die erover gaat verschilt. In het Vlaamse Gewest loopt dit via de netbeheerder, in het Waalse Gewest via de administratie van het gewest zelf, en in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest via Leefmilieu Brussel. Elke instantie stelt een minimale Rd-waarde als voorwaarde, en die minimumwaarde wordt periodiek aangepast. Noem die waarde dus niet uit het hoofd op basis van wat u vorig jaar hebt gelezen: raadpleeg de actuele voorwaarden op de site van de bevoegde instantie voordat u bestelt, en laat uw aannemer of architect die waarde meenemen in de opbouwberekening voordat de eerste plaat gelegd wordt. Wie achteraf ontdekt dat de opbouw net onder de drempel zit, kan de premie meestal niet meer redden door er een extra laag isolatie tegenaan te plakken: de premie-instantie beoordeelt de opbouw zoals ze is opgeleverd, niet zoals ze bedoeld was.
De EPB-aangifte is een tweede dossier dat los van de premie loopt, met eigen eisen. Bij een dakrenovatie wordt het dak als bouwschil-onderdeel opnieuw beoordeeld, en de verslaggever rekent met de Rd-waarde van de opbouw om de energieprestatie van de woning of het gebouw te bepalen. Dat gebeurt onafhankelijk van of u een premie aanvraagt: zelfs zonder premie moet de EPB-aangifte de werkelijke opbouw weergeven, anders klopt het energieprestatiecertificaat niet. Voor gevelwerken speelt een vergelijkbare logica, zoals wij uitleggen bij [de EPB-regelgeving bij een gevelbekleding in klikfels](/belgie/epb/gevelbekleding), al is de context daar een gevel in plaats van een dak. Voor een dakrenovatie geldt hetzelfde principe: de verslaggever wil de opbouw zien zoals ze werkelijk is uitgevoerd, met de juiste laagdiktes en materiaaltypes, niet een schatting.
Of er bij een dakrenovatie ook een vergunningsvraag speelt, hangt af van wat er verder verandert. Vervangt u enkel de dakbedekking en de isolatie op een bestaande dakvorm, dan is dat doorgaans een werk zonder vergunningsplicht, in alle drie de gewesten. Verandert de dakvorm mee, bijvoorbeeld omdat de nieuwe isolatiedikte de nokhoogte optrekt of omdat u van een plat naar een hellend dak overgaat, dan verschuift het dossier naar een andere categorie en moet u nagaan of een melding of omgevingsvergunning nodig is. Dat is een andere vraag dan de Rd-waarde, maar ze duiken bij een dakrenovatie vaak in hetzelfde gesprek met de aannemer op, omdat een dikkere isolatielaag nu eenmaal ruimte inneemt. Wie zeker wil zijn welke documenten daarvoor nodig zijn, vindt een overzicht bij [de documenten die nodig zijn voor een stedenbouwkundige vergunning of melding](/belgie/stedenbouwkundige-vergunning/documenten).
Een praktisch punt dat bij dakrenovaties vaker misgaat dan bij nieuwbouw: de dakhelling. Onze felsbanen zijn geschikt vanaf zes graden dakhelling, en bij een renovatie verandert de helling soms mee met de nieuwe opbouw, bijvoorbeeld wanneer er een extra isolatielaag boven de bestaande gordingen komt en de aansluitdetails opnieuw getekend moeten worden. Dat raakt niet rechtstreeks aan de Rd-waarde, maar het raakt wel aan of het systeem toepasbaar blijft op het dak zoals het na de renovatie eruitziet. Laat dat detail meenemen in het plan voordat de bestelling de deur uit gaat, plaatdikte 0,55 mm en gewicht van ongeveer 5 kg per m² zijn dan de gegevens die de constructeur nodig heeft om de onderconstructie op te nieuw te berekenen.
Om het dossier op orde te krijgen, is het verstandig deze volgorde aan te houden. Vraag eerst bij de bevoegde instantie van uw gewest de actuele minimale Rd-waarde voor een dakrenovatie op, en laat die waarde schriftelijk vastleggen in de offerte van uw aannemer. Laat vervolgens de opbouwberekening maken op basis van de werkelijke producten die gelegd worden, inclusief het felssysteem en de bevestigingsmethode, niet op basis van een gemiddelde uit een tabel. Bewaar de technische fiches van elk onderdeel van de opbouw, want die vormen samen het bewijs waarmee zowel de premie-instantie als de EPB-verslaggever de Rd-waarde controleert. Ga daarna pas over tot bestelling en uitvoering, met de zekerheid dat premie, EPB-aangifte en eventuele vergunningsvraag op elkaar zijn afgestemd voordat de eerste plaat op het dak ligt.