Klikzink

Zonnepanelen op felsdak bij nieuwbouwwoning

Bij een nieuwbouwwoning met een felsdak liggen de zonnepanelen al vast voordat de eerste plaat gelegd is. Dat is het grote verschil met een renovatie, waar de panelen vaak pas na de dakvervanging ter sprake komen. Bij nieuwbouw zit alles in hetzelfde traject: de architect tekent het dak, de EPB-verslaggever rekent met het hernieuwbare-energieaandeel, en de aannemer die de felsplaten legt weet vooraf waar de klemmen voor de bevestiging moeten komen. Wie deze volgorde omdraait, betaalt daarvoor bij de keuring of bij de EPB-aangifte.

De klembevestiging die bij klikfels hoort, is voor nieuwbouw eigenlijk een geschenk. Er wordt niet doorboord: de panelen worden vastgezet met klemmen die om de staande fels grijpen, zonder dat de dakplaat wordt doorboord. Dat betekent dat de conformiteit van het dak nooit ter discussie staat, ook niet tien jaar na de oplevering. Bij een nieuwbouwwoning is dat vooral belangrijk voor de tienjarige aansprakelijkheid van de aannemer: een dak zonder doorboringen kan nooit een lek veroorzaken op de plek waar een paneel bevestigd zit, en dat scheelt discussies als er ooit een geschil komt over waterschade.

Omdat het om nieuwbouw gaat, is er in de meeste gevallen geen aparte stedenbouwkundige vergunning nodig voor de zonnepanelen zelf: die vallen onder het bouwdossier dat al loopt, zoals wij uitleggen bij [de stedenbouwkundige vergunning van een nieuwbouwwoning](/belgie/stedenbouwkundige-vergunning/nieuwbouwwoning). De panelen staan dan al op het dakplan dat bij de omgevingsvergunning is ingediend. Dat is meteen de reden waarom een architect ze liever meteen intekent: een wijziging achteraf, na de vergunning, kan een meldingsplicht met zich meebrengen die bij nieuwbouw net vermeden had kunnen worden.

De EPB-aangifte: cijfers die al bij de start vastliggen

Bij nieuwbouw is de EPB-regelgeving strenger dan bij een renovatie, en het aandeel hernieuwbare energie is daar een vast onderdeel van. De EPB-verslaggever rekent bij de startverklaring al met een bepaald vermogen aan zonnepanelen, en dat cijfer komt terug in de definitieve EPB-aangifte na de oplevering. Wie tijdens de bouw beslist om minder panelen te plaatsen dan gepland, of ze op een andere dakhelling te leggen dan voorzien, moet dat laten doorrekenen. Bij een felsdak is de dakhelling meestal al beperkt tot een minimum vanaf zes graden, en dat detail is voor de verslaggever relevant: hij moet weten onder welke hoek de panelen liggen om de opbrengst correct in te schatten.

De architect speelt hier een andere rol dan bij een dakrenovatie. Bij nieuwbouw tekent hij het dak zelf, inclusief de plaats van de felssneden en de indeling van de dakvlakken. Hij weet dus vooraf waar de panelenvelden komen en houdt daar rekening mee bij de plaatsing van doorvoeren, dakramen of een schouw. Dat voorkomt dat de plaatser van de felsplaten achteraf moet puzzelen om de klemmen op de juiste sneden te krijgen. Bij een goed uitgewerkt plan liggen de felsbanen zo dat een paneel nooit half over een sneden-overgang hangt: de werkende breedte van 475 mm van de fels bepaalt mee hoe de rijen panelen worden ingedeeld.

De terugdraaiende teller bestaat niet meer, maar het aansluitdossier wel

De terugdraaiende teller is in geen van de drie gewesten nog van toepassing op nieuwe installaties: wie vandaag zonnepanelen plaatst bij een nieuwbouwwoning, krijgt te maken met een digitale meter en een verrekening op basis van het huidige systeem van de netbeheerder. Voor een nieuwbouwwoning is dat administratief eenvoudiger dan bij een bestaande woning, omdat de digitale meter er al bij de aansluiting van de woning wordt geplaatst. Er is dus geen apart traject nodig om een oude analoge meter te laten vervangen, zoals dat bij een renovatieproject soms wel speelt.

Wat wel voor elke nieuwbouwwoning geldt, ongeacht het gewest, is de keuringsplicht voor de elektrische installatie. Een erkend keuringsorganisme moet de volledige installatie controleren voor ze in dienst gaat, en dat omvat ook de omvormer en de bekabeling van de zonnepanelen. Deze keuring staat los van de netbeheerder en los van de EPB-aangifte: het is een derde controle, uitgevoerd door een onafhankelijk orgaan, die nagaat of de installatie voldoet aan de geldende veiligheidsnormen. Bij nieuwbouw wordt deze keuring meestal gecombineerd met de keuring van de volledige elektrische installatie van de woning, wat praktisch is omdat de elektricien en de zonnepanelenplaatser dan op hetzelfde moment aanwezig kunnen zijn.

De premie voor de zonnepanelen zelf, en een eventuele bijkomende ondersteuning voor de aansluiting, verschilt per gewest en verandert jaarlijks. Voor het actuele bedrag en de actuele voorwaarden verwijzen wij naar de energie-administratie van het gewest waar de woning wordt gebouwd: het Vlaams Energie- en Klimaatagentschap, de Service Public de Wallonie of Leefmilieu Brussel. Omdat de premie vaak gekoppeld is aan het vermogen van de installatie en aan het moment van de keuring, is het van belang dat de aanvraag pas gebeurt nadat de installatie effectief is aangesloten en gekeurd.

De veiligheidscoördinator en het postinterventiedossier

Bij nieuwbouw met meerdere aannemers op de werf, wat bij een woning met een architect vrijwel altijd het geval is, is een veiligheidscoördinator verplicht. Die coördinator moet ook de plaatsing van de zonnepanelen op het felsdak in zijn coördinatieplan opnemen: de werken op hoogte, de aanwezigheid van kabels en de volgorde waarin het dak wordt afgewerkt en vervolgens belegd met panelen. Dat is een detail dat bij een eenvoudige gevelbekleding, waar vaak maar één aannemer aan het werk is, zoals bij [gevelbekleding met felsplaten](/belgie/stedenbouwkundige-vergunning/gevelbekleding), niet speelt.

Het postinterventiedossier dat bij oplevering wordt samengesteld, moet ook de zonnepanelen en hun bevestiging aan het felsdak documenteren. Voor een toekomstige aannemer die ooit onderhoud moet doen aan het dak of de installatie, is het van belang te weten dat de panelen met klemmen op de fels zitten en niet doorboord zijn. Wie dat dossier zorgvuldig samenstelt bij de oplevering, bespaart een latere eigenaar of aannemer een hoop opzoekwerk.

Wat u nu kunt doen

Bespreek de plaatsing van de zonnepanelen met uw architect voordat het dakplan wordt ingediend bij de vergunningsaanvraag, zodat de felssneden, de dakhelling en de indeling van de panelenvelden op elkaar zijn afgestemd. Vraag uw EPB-verslaggever om het geplande vermogen te bevestigen in de startverklaring, en laat de aannemer die de felsplaten legt tijdig weten waar de klemmen voor de panelen moeten komen. Zo blijft het dak wat het bij nieuwbouw hoort te zijn: een keuze die in het ontwerp is gemaakt, en niet iets dat achteraf nog rechtgezet moet worden.

KKlikzink
Pagina'sHomeKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlog
Contact
Adres
© Klikzink