Klikzink
Een landbouwloods staat in de EPB-regelgeving in een andere hoek dan een woning of een bedrijfsgebouw. De meeste loodsen met een agrarische bestemming vallen buiten de EPB-eisen die voor verwarmde gebouwen gelden, omdat ze niet verwarmd en niet voor menselijk verblijf bedoeld zijn. Dat betekent niet dat er geen regels zijn: het betekent dat u vooraf moet uitzoeken in welke categorie uw loods valt, en dat die uitkomst per gewest en per dossier kan verschillen.
De kern van de zaak is de bestemming en het gebruik van het gebouw, niet het uiterlijk van het dak. Een loods die uitsluitend dient voor het stallen van machines, het bewaren van veevoeder of het huisvesten van dieren, valt doorgaans onder een vrijstelling voor niet-residentiële gebouwen zonder verwarmingsinstallatie. Zodra er een kantoortje, een verwarmde werkruimte of een bedrijfswoning onder hetzelfde dak komt, verandert dat beeld, en kan een deel van het gebouw wel EPB-plichtig worden. Bij een gemengd gebruik is het dus zaak om het dossier per zone te bekijken, en niet de hele loods over één kam te scheren.
Grote oppervlakken zijn hier de norm, en dat werkt in twee richtingen. Enerzijds maakt een groot dakvlak de isolatiewerken in verhouding voordeliger, omdat de vaste kosten van stelling, coördinatie en afvoer over meer vierkante meters felsplaat worden verdeeld. Anderzijds maakt precies die oppervlakte het dossier gevoeliger voor de regels rond aanzienlijke energetische renovatie: boven een bepaalde drempel kan een dak dat toch onder de EPB-plicht valt, zoals bij een loods met verwarmd kantoorgedeelte, verplichtingen meebrengen die bij een klein bijgebouw niet spelen. Het gewest waar de werf ligt bepaalt de precieze drempel en de actuele regels, en die vraagt u het best na bij de bevoegde energie-administratie voor u de bestelling plaatst.
Het oude golfplatendak is de tweede bepalende factor, en niet omwille van EPB op zich. Landbouwloodsen uit de vorige eeuw zijn vaak bedekt met golfplaten op basis van asbestcement. Voor u ook maar aan isolatie of aan EPB-verslaggeving denkt, moet worden vastgesteld of er asbest in het dak zit, en zo ja, hoe dat verwijderd wordt. Dat traject loopt via een asbestinventaris en, bij afbraak of verwijdering, via de regels van de bevoegde gewestelijke instantie voor afvalstoffen en asbest. Die stap bepaalt mee wanneer en hoe de nieuwe dakbedekking gelegd kan worden, en dus ook wanneer een eventuele EPB-verslaggever aan het werk kan.
Een concreet voorbeeld: een landbouwer in het Waalse Gewest wil een loods van veertienhonderd vierkante meter herbedekken. Onder de oude golfplaten zit asbestcement. De volgorde is dan: eerst de asbestinventaris en de verwijdering volgens de regels, dan pas de nieuwe felsplaten. Omdat de loods geen verwarmde ruimte heeft en uitsluitend voor het stallen van vee dient, blijkt uit het dossier dat er geen EPB-verslaggeving vereist is voor het dakpakket zelf. Wel moet de aannemer rekening houden met de omgevingsvergunning voor de sloop- en asbestwerken, en met het feit dat op een oppervlakte van die grootte de veiligheidscoördinator sowieso al betrokken is vanaf de ontwerpfase.
Een ander voorbeeld, in het Vlaams Gewest: een loods heeft een aangebouwd kantoor met verwarming, gebruikt door de bedrijfsleiding voor administratie. Voor het kantoorgedeelte geldt wel een EPB-eis bij herbedekking van het dak erboven, omdat dat deel als verwarmd volume telt. De EPB-verslaggever moet dan het U-waarde-dossier voor dat deel van het dak apart aanleveren, met een tekening die het verwarmde volume afbakent van de rest van de loods. Voor het overige, onverwarmde deel van de loods geldt die eis niet. Zo'n gemengd dossier is precies waarom het loont om bij twijfel de EPB-verslaggever er vroeg bij te betrekken, in plaats van pas nadat de platen al besteld zijn.
Wat de EPB-verslaggever wil zien, is in essentie dezelfde opbouw als bij een gewone dakrenovatie, zoals wij uitleggen bij [de EPB-regelgeving bij een dakrenovatie](/belgie/epb/dakrenovatie): de warmteweerstand van het isolatiepakket, de plaats van de dampscherm, en de aansluitingen bij de gordingen en de nok. Bij een landbouwloods komt daar de vraag bij of het dakvlak wel of niet boven een verwarmd volume ligt, en die vraag moet vóór de start van de werken beantwoord zijn, niet achteraf bij de opmeting. Ligt het dakvlak boven een onverwarmde stalruimte, dan vervalt voor dat vlak de isolatie-eis, en volstaat een technisch verslag over de waterdichtheid en de bevestiging van de felsplaten.
De route die asbest en oppervlakte samen bepalen, ziet er in de praktijk zo uit: eerst de asbestinventaris, dan de beslissing over sloop of overkapping, dan de omgevingsvergunning indien die vereist is, en pas daarna de keuze van het dakpakket en, waar van toepassing, de EPB-verslaggeving. Bij grote oppervlakken loont het om deze stappen met de aannemer en de veiligheidscoördinator samen te plannen, omdat de volgorde van werken op een loods van duizenden vierkante meters minder flexibel is dan op een gewoon huis. Een felsdak met een fels van vijfendertig millimeter en een werkende breedte van vierhonderdvijfenzeventig millimeter is op zo'n schaal snel te leggen, maar de voorbereidende stappen rond asbest en vergunning bepalen het tempo van de hele werf.
Ook de keuze om over golfplaten heen te werken speelt hier een rol die bij een woning minder voorkomt. Bij landbouwloodsen wordt vaak gekozen om de oude, asbesthoudende golfplaten te laten liggen en er een nieuwe draagconstructie met felsplaten overheen te plaatsen, in plaats van de platen te verwijderen. Die aanpak vermijdt het risico van asbestvezels die vrijkomen bij demontage, maar ze moet wel voldoen aan de regels van de gewestelijke instantie voor asbest en aan de EPB-logica: als het dak boven een onverwarmde ruimte ligt, telt de overkapping niet als een isolatie-ingreep waarvoor een EPB-verslag nodig is, maar als het gaat om een verwarmd deel, dan moet het nieuwe pakket wel aan de eisen voldoen, ook als de oude platen blijven liggen.
Wie twijfelt of zijn loods onder de EPB-plicht valt, vraagt dat het best na bij de bevoegde energie-administratie van het gewest waar de loods staat, en neemt tegelijk contact op met een erkend asbestdeskundige als het dak van voor de eeuwwisseling is. Zo weet u voor de bestelling van de felsplaten al welke route van toepassing is, en kan de aannemer de werf plannen zonder verrassingen halverwege.