Klikzink

Garantie over de grens in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest

Een dakwerker in Sint-Gillis of een aannemer die een penthouse in Schaarbeek herdekt, werkt met platen die de grens zijn overgestoken vanuit Ede. Dat verandert niets aan de kwaliteit van het materiaal, maar het verandert wel wie u aanspreekt als er iets misloopt, en binnen welk kader die aanspraak staat. In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest komt daar nog iets bij: een dicht bebouwd gebied met veel beschermd en geïnventariseerd erfgoed, een eigen premiestelsel en stedenbouwkundige regels die op sommige punten strenger uitpakken dan in de andere twee gewesten. Wie een dak plant met stalen felsplaten doet er goed aan die twee lagen, garantie en aansprakelijkheid, uit elkaar te houden voordat de werf begint.

De fabrieksgarantie op de felsplaten zelf, met hun Sendzimir-verzinking en organische coating, is een zaak tussen ons als leverancier en de aannemer of het bedrijf dat de platen bestelt. Die garantie gaat over het materiaal: corrosie van de plaat, hechting van de coating, maatvastheid van de fels. Ze verandert niet omdat het dak in Brussel ligt in plaats van in Vlaanderen of Wallonië: het is dezelfde Belgische markt met dezelfde levering vanuit Ede, ongeacht het gewest. Wat wel verandert, is de wettelijke aansprakelijkheid van de aannemer die het dak plaatst, en die aansprakelijkheid is in België federaal geregeld en dus in de drie gewesten identiek. De tienjarige aansprakelijkheid van de aannemer voor de stevigheid van het bouwwerk staat los van het gewest waarin het gebouw staat.

Waarom Brussel toch een ander verhaal is

Het onderscheid tussen garantie en aansprakelijkheid is dus overal in België hetzelfde, en dat hebben we elders al uitgewerkt, onder meer bij [wat er bij een garantieclaim over de grens misgaat](/belgie/garantie-over-de-grens/wat-gaat-er-mis). Wat in Brussel wel eigen is, is de context waarin die claim ontstaat. Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is klein, dicht bebouwd en kent verhoudingsgewijs veel panden die geïnventariseerd of beschermd zijn als erfgoed. Een dakrenovatie in de Vijfhoek of in een van de negentiende-eeuwse gordelwijken loopt daardoor vaak via een striktere omgevingsvergunning dan een gelijkaardig werk op het platteland in Wallonië. Dat raakt niet de garantie op de platen, maar het raakt wel het traject waarin een gebrek aan het licht komt: bij een beschermd pand ligt er behalve het aannemerscontract ook een vergunningsvoorwaarde, en soms een advies van de erfgoeddienst, dat meebepaalt wat er precies gebouwd mocht worden. Komt er nadien een lek, dan is de eerste vraag niet alleen of het materiaal deugde, maar ook of de uitvoering overeenstemde met wat vergund was.

Een tweede eigen kenmerk van Brussel is het premiestelsel voor energierenovatie, dat een eigen instantie en eigen voorwaarden heeft, los van de Vlaamse en Waalse regelingen. Voor wie een dak met felsplaten laat isoleren en herdekken, is die premie vaak een reden om het werk nu te laten uitvoeren in plaats van uit te stellen. Maar een premie is geen garantie: ze verandert niets aan wie aansprakelijk is als de plaatsing niet deugt, en de voorwaarden en actuele bedragen van die Brusselse premie vindt u niet bij ons maar bij de gewestelijke dienst die ze beheert. Wij noemen hier bewust geen bedrag, want dat wijzigt per jaar en een verkeerd cijfer op deze pagina helpt niemand.

Wie u aanspreekt als er een gebrek is

Stel dat er twee jaar na plaatsing water binnendringt bij een dakraam op een herenhuis langs de Louizalaan. De eigenaar belt in eerste instantie de aannemer, niet ons. Dat is logisch en ook juridisch correct: de aannemer heeft het werk uitgevoerd en aanvaard, en draagt de aansprakelijkheid voor de uitvoering. Pas als blijkt dat de oorzaak in het materiaal zelf ligt, zoals een fabricagefout in de coating, komt onze garantie in beeld, en dan doorgaans via de aannemer die de platen bij ons besteld heeft. Die volgorde is dezelfde in Brussel, Vlaanderen en Wallonië, maar in een dicht bebouwd stedelijk gebied als Brussel speelt er vaak een extra partij mee: de syndicus van een mede-eigendom, of bij grotere renovaties de veiligheidscoördinator die tijdens de werf toezag op de coördinatie tussen aannemers. Documentatie van wie wat deed en wanneer is daardoor des te belangrijker, zoals we uitgebreider toelichten bij [de documenten die u moet bewaren bij een garantie over de grens](/belgie/garantie-over-de-grens/documenten).

Bij panden die als monument beschermd zijn of op de inventaris van het bouwkundig erfgoed staan, komt er nog een laag bij: het postinterventiedossier en de vergunningsvoorwaarden vormen samen het referentiekader waaraan de uitvoering getoetst wordt. Is de fels op de juiste plek gelegd, is de dakhelling gerespecteerd die in de vergunning stond, is de kleur van de coating conform het advies van de erfgoeddienst? Die vragen liggen bij de aannemer en bij de architect die de werken opvolgde, niet bij ons als leverancier van het materiaal. Onze garantie beperkt zich tot het product dat wij vanuit Ede leverden: de plaat, de verzinking, de coating. Ze zegt niets over de vraag of dat product op de juiste plaats en op de juiste manier is toegepast, en dat onderscheid wordt in een stedelijke context met veel regelgeving eerder scherper dan vager.

Wat u vooraf regelt, scheelt achteraf

Voor een aannemer die in Brussel werkt met platen uit Nederland, is het verstandig om bij de bestelling meteen te vragen naar de leveringsbon, de partijgegevens van de coating en het technisch fiche dat bij de zending hoort. Die stukken zijn precies wat nodig is als er ooit een garantieclaim moet lopen, en ze zijn sneller gevonden op het moment van bestellen dan jaren later wanneer de werf al lang is opgeleverd. Voor de opdrachtgever, particulier of vereniging van mede-eigenaars, is het net zo verstandig om in het aannemingscontract expliciet te laten opnemen wie welke aansprakelijkheid draagt, en om de vergunningsdocumenten en het eventuele erfgoedadvies te bewaren bij het postinterventiedossier. Dat dossier is toch al verplicht bij werken aan een bestaand gebouw, en het is de meest logische plaats om ook de garantiestukken van het dakmateriaal bij te voegen.

Wilt u weten wat dat in de praktijk betekent voor een concrete werf, bijvoorbeeld hoelang een garantieclaim over de grens doorgaans duurt of wat u ondertussen kunt doen, dan vindt u dat uitgewerkt op de bijbehorende pagina's van deze kennisbank. Voor de vergunning zelf, met de eigen procedure die het Brussels Hoofdstedelijk Gewest daarvoor kent, verwijzen we u naar de pagina daarover. Neem bij twijfel over een lopende werf contact op met uw aannemer voor de uitvoeringskant, en met ons voor alles wat met het materiaal zelf te maken heeft: dat onderscheid is de kortste weg naar een oplossing.

KKlikzink
Pagina'sHomeKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlog
Contact
Adres
© Klikzink