Klikzink

Hemelwaterverordening: welke instantie gaat erover

Wie een dak laat aanleggen of vervangen, botst vroeg of laat op de vraag wat er met het regenwater moet gebeuren. Die vraag wordt niet beantwoord door de dakdekker of de architect, maar door een overheid die vooraf vastlegt hoeveel water u moet opvangen, infiltreren of vertraagd afvoeren. Op deze pagina leggen we uit welke instantie die regels stelt, wie de aanvraag beoordeelt, en wat u kan doen als u niet akkoord gaat met een beslissing. Wat de verordening precies inhoudt voor een dak, hebben we uitgebreid beschreven op de pagina over de hemelwaterverordening bij een felsdak; hier gaat het specifiek over het gezag achter de regel.

De hemelwaterverordening is geen federale wet. Elk gewest heeft zijn eigen regeling, met een eigen naam, een eigen tekst en een eigen instantie die erop toeziet. Dat is meteen de belangrijkste reden waarom u niet zomaar op een Nederlandse of algemeen Belgische bron kan afgaan: wat in Vlaanderen geldt, is niet automatisch wat in Wallonië of het Brussels Hoofdstedelijk Gewest van toepassing is. De verordening bepaalt doorgaans een verplichting tot infiltratie op eigen terrein, een verplicht buffervolume bij grotere afvoeroppervlakken, en soms een verplichting tot hergebruik via een regenwaterput. Hoeveel volume en welke drempelwaarden gelden, verandert regelmatig, dus die cijfers zoekt u best rechtstreeks op bij de bevoegde instantie op het moment van de aanvraag.

Wie in Vlaanderen beslist

In Vlaanderen is de gewestelijke stedenbouwkundige verordening hemelwater van toepassing, opgesteld door de Vlaamse overheid en verankerd in het Vlaams Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO). Die verordening geldt in principe overal in Vlaanderen, maar de toetsing gebeurt lokaal: de gemeente, en concreet de omgevingsambtenaar die uw omgevingsvergunning behandelt, gaat na of uw project aan de verplichtingen voldoet. Sommige gemeenten hebben daarnaast een eigen, strengere verordening, die de gewestelijke regel aanvult. Dat betekent dat een aannemer die op de ene werf in Vlaanderen een bepaalde oplossing toepast, op een werf in een andere gemeente met een net iets andere eis geconfronteerd kan worden. Bij twijfel is het gemeentebestuur, of het intergemeentelijk samenwerkingsverband dat de vergunningen behandelt, het eerste aanspreekpunt.

Als uw vergunningsaanvraag om die reden geweigerd of voorwaardelijk goedgekeurd wordt, kan u in beroep gaan bij de deputatie van de provincie, en daarna eventueel bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen. Dat beroep gaat dan over de vergunning als geheel, waarbinnen de hemelwaterverplichting één van de toetsingsgronden is. Voor kleinere ingrepen zonder vergunningsplicht, zoals het vervangen van bestaande dakbedekking zonder wijziging van de afvoeroppervlakte, speelt de verordening minder expliciet, maar de gemeente kan bij twijfel altijd om verduidelijking vragen.

Wie in Wallonië beslist

Het Waalse Gewest werkt met eigen regelgeving rond de afvoer en het beheer van hemelwater, ingebed in het Code du Développement Territorial (CoDT), het Waalse wetboek voor ruimtelijke ontwikkeling. Ook hier ligt de eerste beoordeling bij de gemeente die de aanvraag voor een vergunning behandelt, vaak in samenspraak met de dienst leefmilieu of waterbeheer van de gemeente of de provincie. Bij grotere projecten, of wanneer het gewestelijk belang aangetoond wordt, kan de aanvraag bij de fonctionnaire délégué terechtkomen, de gewestelijke ambtenaar die de plaatselijke beslissing beoordeelt en er in bepaalde gevallen een bindend advies over geeft.

Het Waalse systeem legt van oudsher meer nadruk op infiltratie op eigen terrein en op een aparte beoordeling van de waterhuishouding bij percelen in een overstromingsgevoelig gebied. Wie een aanvraag indient voor een dakproject in zo'n gebied, mag rekenen op extra voorwaarden, vastgelegd door dezelfde gemeentelijke of gewestelijke diensten. Bij een geschil over de beslissing loopt het beroep, net als in Vlaanderen, via de administratieve overheid: eerst de gewestelijke instantie, en bij een blijvend meningsverschil de Raad van State.

Wie in Brussel beslist

Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest heeft zijn eigen verordening, ondergebracht in het Brussels Wetboek van Ruimtelijke Ordening (BWRO), aangevuld met specifieke regels van Brussel Leefmilieu, de gewestelijke administratie die instaat voor het waterbeheer. In de praktijk toetst de gemeente de stedenbouwkundige vergunning, maar voor de technische kant van de waterafvoer wordt vaak het advies van Brussel Leefmilieu ingewonnen, zeker bij grotere daken of bij projecten die een impact hebben op het rioleringsstelsel. Brussel kent van de drie gewesten de strengste dichtheid aan verharde oppervlakken, wat de druk op infiltratie en buffering groter maakt dan elders. Wie een dak vervangt op een woning in een dicht bebouwde Brusselse straat, ondervindt dat het gewest strikter kijkt naar waar het water naartoe kan, precies omdat er weinig onverharde grond in de buurt is.

Bij een weigering of een voorwaarde waar u niet mee akkoord gaat, verloopt het beroep in Brussel via het college van burgemeester en schepenen naar de gewestelijke overheid, en in laatste instantie via de Raad van State. Ook hier geldt: de instantie die over de vergunning beslist en de instantie die over de hemelwaterregel waakt, zijn niet altijd dezelfde dienst, maar ze werken wel op elkaar in.

Wat dat voor het dak zelf betekent

De verordening zelf schrijft geen dakbedekking voor en heeft geen invloed op de fels, de plaatdikte of de bevestiging van een stalen dak. Ze regelt uitsluitend wat er met het water gebeurt nadat het van het dakvlak is afgevoerd. Voor een aannemer betekent dat vooral dat de afvoercapaciteit van de dakgoot en de diameter van de regenpijp afgestemd moeten zijn op het voorgeschreven debiet, en dat er op het perceel plaats voorzien moet worden voor een infiltratievoorziening of een buffer- en regenwaterput. Bij een dakrenovatie speelt dat anders dan bij nieuwbouw, zoals wij toelichten bij de hemelwaterverordening bij een dakrenovatie: bij een bestaand gebouw is er vaak minder ruimte om een infiltratievoorziening achteraf in te passen, en dat weegt mee in de beoordeling door de gemeente.

Waar u nu op moet letten

Omdat de bevoegde instantie, de precieze verplichtingen en de beroepsmogelijkheden per gewest verschillen, is het eerste wat u doet bij een dakproject: nagaan bij welk gewest en welke gemeente uw perceel ligt, en daar de dienst omgeving of stedenbouw contacteren voor de actuele verordening en de geldende drempelwaarden. Vraag expliciet of er naast de gewestelijke verordening ook een gemeentelijke aanvulling van toepassing is, want dat verschilt van gemeente tot gemeente binnen hetzelfde gewest. Bewaar de correspondentie en de eventuele adviezen, zeker als u een architect of aannemer inschakelt die de aanvraag namens u indient: bij een latere discussie over de opgelegde voorwaarden is het de instantie die de vergunning heeft afgegeven, en niet de leverancier van het dakmateriaal, die de bevoegdheid heeft om daarover te oordelen.

Terug naar het overzicht

KKlikzink
Pagina'sHomeKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlog
Contact
Adres
© Klikzink